Ik heb een hartritmestoornis

In het kort

In het kort

  • Een hartritmestoornis is een afwijking in het ritme van de hartslag.
  • De hartslag kan te snel, te langzaam en/of onregelmatig zijn.
  • De oorzaak is niet altijd duidelijk.
  • Het kan soms ontstaan door een schildklierziekte, een longontsteking, na een zware inspanning, na veel alcohol of veel koffie.
  • Er zijn onschuldige, maar ook ernstige hartritmestoornissen.
  • Afhankelijk van de oorzaak en uw klachten, kan een behandeling nodig zijn. 
Waar in het hart?

Waar in het hart zit de ritmestoornis?

Het probleem kan op verschillende plaatsen in het hart zitten:

  • De boezems (atria) zijn de bovenste twee kleinere ruimtes in het hart.
  • De kamers (ventrikels) zijn de onderste twee grotere ruimtes in het hart.
  • De sinusknoop, het elektrische schakelpunt bij de boezems.
  • De AV-knoop, het elektrische schakelpunt tussen boezems en kamers in. De AV-knoop houdt de elektrische activering van de kamers even tegen, zodat boezems en kamers netjes na elkaar samen trekken. 

Hartritmestoornissen worden dan ook als volgt ingedeeld:

  • Boezem- of atriumfibrilleren: een heel snel, onregelmatig ritme van de hartspier in de boezems (zie voor meer informatie: atriumfibrilleren)
  • Boezem- of atriumflutter: een meestal snel, maar wel regelmatig ritme van de hartspier in de boezems.
  • Zieke sinusknoop: de sinusknoop start het elektrische signaal waardoor het hart klopt. Een zieke sinusknoop geeft te laat of geen signaal af, waardoor de hartslag vertraagt.
  • AV-blok: de AV-knoop zorgt ervoor dat de elektrische prikkel van de boezems naar de kamers gaat. Bij een AV-blok gaat dit niet goed, waardoor de hartslag vertraagt.
  • AVNRT (AV-nodale re-entry tachycardie): de elektrische prikkel blijft als het ware 'ronddraaien' in de AV-knoop, waardoor de hartslag versnelt.
  • WPW-syndroom (Wolff-Parkinson-White): tussen de boezems en de kamers zitten meer geleidende cellen dan gewoonlijk. Daardoor wordt de AV-knoop overgeslagen en worden de kamers te snel geprikkeld. De hartslag versnelt dan. Dit is aangeboren en geeft lang niet altijd klachten.
  • Kamer- of ventrikelfibrilleren: de hartspier in de kamer wordt op verschillende plaatsen snel en chaotisch geactiveerd. De hartslag versnelt en is onregelmatig. Dit is de ernstigste hartritmestoornis.

U kunt ook last hebben van hartkloppingen zonder dat er een probleem in het hart is. U voelt uw hart dan (onaangenaam) heftig of snel kloppen, of u voelt uw hart 'overslaan'. Dit komt bijvoorbeeld door stress,koffie, alcohol of roken. Hartkloppingen zonder een probleem in het hart komen veel voor. Ze zijn vervelend, maar onschuldig.

Beschrijving

Wat is een hartritmestoornis?

Het hart is een spier die regelmatig samentrekt. Bij iedere samentrekking wordt het bloed uit het hart door het hele lichaam gepompt. Dit is de hartslag. De hartslag wordt aangestuurd door een elektrisch netwerkje in het hart: het prikkelgeleidingssysteem. Een afwijking in dit systeem kan hartritmestoornissen veroorzaken.

Een hartritmestoornis is een afwijking in het ritme van de hartslag. Dit is vaak te voelen als een opgejaagde hartslag, een bonzend hart en/of een onregelmatige hartslag. Een vervelend en soms  angstig gevoel. Vaak zijn hartritmestoornissen onschuldig. Soms gaat het hart minder goed werken door de stoornis.

Er zijn allerlei hartritmestoornissen.

  • Het hart kan sneller kloppen dan normaal (tachycardie).
  • Het kan heel langzaam kloppen (bradycardie).
  • Het kan heel onregelmatig kloppen: dan weer snel, dan weer langzaam, dan hard en dan weer zacht (boezem- of atriumfibrilleren).
Verschijnselen

Wat zijn de verschijnselen bij hartritmestoornissen?

Kenmerkend voor hartritmestoornissen is een verandering in de hartslag: uw hart klopt sneller of langzamer, en eventueel een onregelmatige hartslag. Dit geeft vaak een onaangenaam gevoel. De hartkloppingen kunnen in aanvallen komen, afgewisseld met een normaal hartritme. Bij een aanval verandert het hartritme plotseling en wordt dan even plotseling weer normaal.  

Soms kunt u bij de hartritmestoornis ook andere klachten krijgen. Bijvoorbeeld:

  • duizeligheid of lichtheid in het hoofd,
  • tintelingen,
  • droge mond,
  • hoofdpijn,
  • misselijkheid.
Oorzaken

Hoe ontstaan hartritmestoornissen?

Hartritmestoornissen kunnen verschillende oorzaken hebben.

Door ouderdom kan het elektrisch netwerk in het hart minder goed gaan werken.

Andere oorzaken zijn:

  • een te snel werkende schildklier,
  • een hartinfarct,
  • een hartspierziekte (cardiomyopathie),
  • hartfalen,
  • een operatie aan het hart,
  • een aangeboren hartafwijking,
  • bepaalde medicijnen.
Onderzoeken

Hoe worden hartritmestoornissen vastgesteld?

Heeft u veel last van hartkloppingen? Dan kunt u met uw huisarts bespreken wat de mogelijke oorzaak is. De huisarts zal u enkele vragen stellen. Zo komt u er samen achter of u onschuldige hartkloppingen of mogelijk een hartritmestoornis heeft. Als de huisarts vermoedt dat u een hartritmestoornis heeft, zijn de volgende onderzoeken vaak nodig:

  • Lichamelijk onderzoek: de huisarts luistert naar uw hartslag, meet uw bloeddruk en voelt uw pols. Het kan zijn dat de huisarts u vraagt om bijvoorbeeld een aantal kniebuigingen te maken. Zo versnelt uw hartslag. Via de pols kan hij dan voelen hoe het hartritme verandert.
  • Via een hartfilmpje (ECG) zijn hartritmestoornissen vaak vast te stellen. Het ECG moet wel tijdens een aanval worden gemaakt, dus voordat de aanval alweer voorbij is. Dat kan lastig zijn.
  • Via Holter-registratie: om uw hartritme tijdens een aanval te registreren, kan het zijn dat er 24 of 48 uur lang een ECG gemaakt wordt. Daarvoor krijgt u een draagbaar apparaat mee. We noemen dat een Holter-registratie. U draagt de Holter de hele dag bij u. U kunt gewoon doorgaan met uw dagelijkse dingen. Als het hart anders gaat kloppen en u draagt de Holter, dan kan de huisarts achteraf zien wat voor ritmestoornis het was.
  • Een alternatief is een event recorder, een kleiner apparaat dat u zelf aan moet zetten tijdens een aanval.
Behandeling

Behandeling van hartritmestoornissen

Het is niet altijd nodig om hartritmestoornissen te behandelen. Belangrijk is of u veel klachten heeft van de stoornis, en of het hart goed functioneert.

Uw huisarts zal met u bespreken of een behandeling nodig is. De behandeling kan bestaan uit:

  • Medicijnen die het hartritme beïnvloeden.
  • Bloedverdunnende medicijnen die bloedstolsels voorkomen.
  • Elektrische cardioversie: hierbij krijgt u (onder narcose) een elektrische prikkel om te proberen of het hartritme weer regelmatig te krijgen is. Dit gebeurt vooral bij mensen die net atriumfibrilleren hebben.
  • Ablatie: wegbranden van cellen in de hartwand. Hiermee wordt de afwijking in het elektrisch netwerk van het hart behandeld.
  • Een pacemaker: een klein apparaatje dat onder uw huid wordt geplaatst. De pacemaker bewaakt het ritme van het hart en stuurt het zo nodig bij. 
Wanneer contact?

Wanneer contact opnemen bij een hartritmestoornis?

Neem direct contact op met uw huisarts of de huisartsenpost:

  • Als u een pijnlijk, drukkend gevoel in of op de borst heeft dat niet weggaat.
  • Als u bij hartkloppingen ook erg benauwd bent.
  • Als het samengaat met onrust, misselijkheid, bleek zien, zweten en een klamme huid.

ORS

ORS is een oplossing van zouten en (druiven)suiker in water.

Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken.

Bron: Apotheek.nl
Laatst herzien op

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.