Ik verzorg iemand met een delier

In het kort

In het kort

  • Een delier is verwardheid die binnen enkele uren tot dagen ontstaat.  
  • Iemand met een delier kan opgewonden en onrustig zijn. Of juist stil en teruggetrokken.
  • Een delier kan ontstaan door een ziekte, een operatie, een ongeval of medicijnen.
  • Bel bij een delier de huisarts (of huisartsenpost). Deze onderzoekt wat de oorzaak is van het delier.
  • Vaak kan de oorzaak behandeld worden, waardoor het delier verdwijnt.
  • Medicijnen kunnen helpen tegen heftige onrust of angst.
  • Iemand met een delier voelt zich vaak het veiligst in zijn eigen vertrouwde omgeving.
  • U kunt iemand met een delier helpen door voor rust te zorgen en bij hem/haar te blijven.
Wat is het

Wat is een delier?

Een delier is een verwardheid die binnen enkele uren tot dagen is ontstaan. Het ene moment is de verwardheid erger dan het andere.

Het komt vooral voor bij ouderen, met name tijdens een ziekte of na een operatie, en bij patiënten in de stervensfase. Maar ook jongere mensen kunnen een delier krijgen, bijvoorbeeld bij diabetes mellitus.

Een delier komt altijd door een of meer lichamelijke oorzaken (een ziekte of ontregeling). De huisarts zoekt eerst naar de oorzaak of oorzaken. Vaak kan de oorzaak behandeld worden waardoor het delier verdwijnt. Soms is de oorzaak niet direct duidelijk of kan deze niet goed worden behandeld.

Het herstel heeft tijd nodig. Ook bij behandeling van de oorzaak kan het delier nog enige tijd blijven bestaan.

Wat merk ik

Wat zijn de verschijnselen van een delier?

Iemand met een delier gedraagt zich plotseling anders dan u gewend bent. Hij of zij:

  • is verward en praat vaak onsamenhangend (een gesprek is daarom moeilijk te voeren).
  • kan de aandacht er niet bij houden.
  • is niet helder en reageert niet normaal op zijn omgeving.
  • verliest de greep op de werkelijkheid: heeft geen vat meer op zichzelf of de omgeving; hij/zij zegt soms dat hij zich niet zichzelf voelt.
  • heeft soms gedachten die niet kloppen (wanen).
  • ziet, hoort of ruikt soms dingen die er niet zijn (hallucinaties).
  • kan hierdoor heel angstig zijn en in paniek raken.

Iemand met een delier kan door deze verschijnselen onrustig worden of juist stil, of afwisselend onrustig en stil:   

Onrustig en opgewonden: een patiënt die in bed ligt kan aan de lakens gaan plukken of proberen uit bed te stappen. Door de wanen en hallucinaties wordt hij achterdochtig, schrikachtig, kwaad of agressief. Voor de omgeving is het vaak moeilijk hiermee om te gaan.

Stil en teruggetrokken: de patiënt staart voor zich uit of maakt moeilijk oogcontact.

Afwisselend onrustig of stil: de patiënt is bijvoorbeeld overdag heel rustig en teruggetrokken, maar raakt in paniek zodra het donker wordt en is dan moeilijk te kalmeren.

Oorzaken

Hoe ontstaat een delier?

Allerlei situaties kunnen ervoor zorgen dat iemand een delier krijgt:

  • Ziekten maken iemand extra kwetsbaar voor een delier: bijvoorbeeld een blaasontsteking, een longontsteking, suikerziekte die niet goed onder controle is, een ziekte van de schildklier, een hartinfarct, het niet goed leeg kunnen plassen van de blaas, verstopping, ondervoeding, uitdroging, pijn of een gebrek aan slaap.
  • Een operatie, zelfs een kleine, kan zo ingrijpend zijn dat een ouder persoon daardoor een delier krijgt. Ook de narcose kan een rol spelen bij het ontstaan van een delier.
  • Een ongeval, bijvoorbeeld een gebroken heup, kan aanleiding zijn voor een delier. Bij een ongeval gaat het dus niet alleen om ongevallen met een hersenschudding of hoofdletsel.
  • Iemand met een handicap, zoals slechtziendheid of slechthorendheid, kan zich onzeker voelen en extra gevoelig zijn voor het ontstaan van een delier.
  • Door het gebruik van medicijnen kan een delier ontstaan, bijvoorbeeld: morfine (pijnstiller), plaspillen, antidepressiva, medicijnen tegen hartritmestoornissen, allergie of misselijkheid, medicijnen met bijnierschorshormoon (prednison ) en middelen tegen de ziekte van Parkinson. Bij oudere mensen kunnen in principe alle middelen een delier veroorzaken.
  • Als iemand gewend is aan overmatig gebruik van alcohol, nicotine of kalmeringsmiddelen (benzodiazepinen) en daar abrupt mee stopt, kan een delier ontstaan.
  • Iemand met dementie heeft een grotere kans op het krijgen van een delier.
  • Iemand die al een delier heeft gehad, heeft meer kans om opnieuw een delier te krijgen.
  • Iemand met een ernstige, ongeneeslijke ziekte heeft tegen het levenseinde extra kans op een delier. Bijvoorbeeld als hij of zij erg verzwakt is, niet meer eet of drinkt, sterke pijnstilling krijgt (morfine) of met andere medicijnen is gestopt.

nicotine

Nicotine als medicijn is een ontwenningsmiddel.

Het is te gebruiken als hulpmiddel bij stoppen met roken.

Bron: Apotheek.nl

prednison

Prednison is een bijnierschorshormoon, ook wel corticosteroïd genoemd.
Bijnierschorshormonen remmen ontstekingen en overgevoeligheidsreacties. Ze zijn ook nodig om energie, mineralen en zouten vrij te maken en op te slaan.

Artsen schrijven prednison voor bij:

  • Aandoeningen met ernstige ontstekingen. Bijvoorbeeld luchtwegontstekingen (zoals astma, COPD en sarcoïdose) , reumatische aandoeningen (zoals reuma, polymyalgie en jichtaanvallen), darmziekten (namelijk colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn), het syndroom van Sjögren, bepaalde oogontstekingen, clusterhoofdpijn, lupus erythematodes (LE), ernstige huidontstekingen (zoals bij lepra), bepaalde bloedziekten (zoals de bloedstollingsziekte ITP), de ziekte van Duchenne (spierziekte), Bellverlamming (een vorm van gezichtsverlamming), bij nierziektes, zoals het nefrotisch syndroom en bij netelroos.
    Bij ontstekingsziekten wordt het op verschillende manieren toegepast: in een hoge dosering gedurende enkele dagen tot weken (stootkuur) en in een lagere dosering gedurende meerdere maanden (langdurige behandeling). Artsen schrijven het meestal voor als stootkuur.
  • Prednison wordt ook gebruikt om afstotingsreacties tegen te gaan na orgaantransplantaties en als onderdeel van een behandeling bij kanker.
  • Ook wordt het gebruikt om een tekort aan lichaamseigen bijnierschorshormonen aan te vullen (zoals bij de bijnierziekten de ziekte van Addison, de ziekte van Cushing en het adrenogenitaal syndroom). Als men het op deze manier gebruikt heet het substitutietherapie.

Aandoeningen waarbij prednison wordt gebruikt zijn:

Bron: Apotheek.nl

ORS

ORS is een oplossing van zouten en glucose (druivensuiker) in water.

Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken (overgeven).

Bron: Apotheek.nl

morfine

Morfine is de belangrijkste vertegenwoordiger van de morfineachtige pijnstillers (opiaten). Het heeft een sterk pijnstillende werking.

Artsen schrijven het voor bij plotselinge hevige pijn, zoals pijn na een operatie, ernstige verwonding, pijn na een hartinfarct of koliekpijn. Ook bij langdurige hevige pijn, zoals pijn bij kanker.

Artsen schrijven het ook voor bij ernstige benauwdheid door hartfalen en in de palliatieve zorg (zorg in de laatste levensfase).

Bron: Apotheek.nl
Adviezen

Adviezen bij een delier

  • Neem contact op met de huisarts, zodat deze kan uitzoeken wat de oorzaak is.

De omgeving weet vaak niet hoe ze moet reageren op iemand met een delier. Het is belangrijk om te weten dat iemand met een delier zich in de eigen vertrouwde (woon)omgeving vaak het veiligst voelt. Dit geeft minder aanleiding voor angst en paniek. Familie, vrienden en buren kunnen dus veel doen om de patiënt te helpen. Hier volgen enkele tips:

  • Het is goed als familieleden en verzorgers zich realiseren dat iemand met een delier ziek is. Hij kan zich niet anders gedragen dan hij doet, al lijkt het soms of de persoon zijn best niet doet.
  • Zorg voor rust.
  • Laat iemand met een delier zo min mogelijk alleen. Zorg dat er steeds een vertrouwd (het liefst rustig) familielid, vriend of buur aanwezig is. Zorg dat er niet te veel mensen tegelijk bij de patiënt zijn.
  • Bied steeds herkenningspunten uit de werkelijkheid aan, zoals een klok, een kalender en foto's. Vertel zo nodig regelmatig welke dag het is, hoe laat het is, wie u bent en waar u bent.
  • Spreek in korte, eenvoudige zinnen en stel korte, eenvoudige vragen.
  • Als iemand bang is voor dingen die hij denkt te voelen of te zien (die u zelf niet voelt of ziet), toon dan begrip. Zeg niet dat het onzin is. Ga geen discussie aan, maar toon begrip en leg uit hoe ú de werkelijkheid ziet. Probeer met uw stem en houding rust en kalmte over te dragen.
  • Wek geen achterdocht door te fluisteren of kamers op slot te doen.
  • Heeft de patient een bril of een gehoorapparaat? Zorg dat hij of zij deze gebruikt, en ook op de juiste manier. Dat geeft wat zekerheid.
  • Zorg voor goede verlichting (overdag gordijnen open, 's nachts bedlampje of sluimerverlichting).
  • Zorg voor een normaal dag/nacht ritme: ’s nachts slapen en overdag opstaan en bewegen als dat kan.
  • Probeer er voor te zorgen dat de persoon genoeg drinkt, gezond eet en zijn/haar medicijnen volgens voorschrift inneemt.

ORS

ORS is een oplossing van zouten en glucose (druivensuiker) in water.

Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken (overgeven).

Bron: Apotheek.nl
Behandeling

Behandeling van de oorzaak van een delier

Het belangrijkste bij een delier is om de oorzaak van het delier te behandelen.

Dat betekent bijvoorbeeld:

  • antibiotica bij een infectie (bijvoorbeeld een blaasontsteking of longontsteking)
  • goede pijnbehandeling bij bijvoorbeeld een gebroken heup
  • laxeermiddelen bij verstopping
  • het stoppen van medicijnen die juist een delier veroorzaken
  • het zo nodig geleidelijk afbouwen van medicijnen (opeens stoppen kan ook weer een delier geven)
Medicijnen

Medicijnen voor een delier

Door de oorzaak van een delier aan te pakken, kan een delier verdwijnen. Dan zijn medicijnen tegen een delier niet of maar kort nodig.

Soms is iemand zo in de war of zo angstig dat de arts haloperidol voorschrijft. Dit middel werkt vaak goed tegen verwardheid.

Soms schrijven artsen tijdelijk ook benzodiazepinen (slaappillen) voor om een patiënt met een delier te kalmeren. Dat kan bijvoorbeeld ook helpen bij mensen die een delier krijgen nadat ze plotseling met alcohol zijn gestopt. 

haloperidol

Haloperidol behoort tot de klassieke antipsychotica. Het remt in de hersenen de effecten van de natuurlijk voorkomende stof dopamine. Hierdoor verminderen psychosen en onrust.

Artsen schrijven het voor bij psychose, schizofrenie, manie, onrust, dementie, tics, dwangstoornissen, misselijkheid en braken en hik.

Bron: Apotheek.nl

ORS

ORS is een oplossing van zouten en glucose (druivensuiker) in water.

Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken (overgeven).

Bron: Apotheek.nl
Hoe gaat het verder?

Hoe gaat het verder met een delier?

De huisarts neemt regelmatig contact op om te bespreken hoe het gaat en hoe het delier verloopt. Spreek van tevoren met de huisarts af wie de contactpersoon zal zijn.
In sommige gevallen moet iemand met een delier tijdelijk in het ziekenhuis worden opgenomen, bijvoorbeeld om de oorzaak verder te onderzoeken of te behandelen.

Hoe lang een delier duurt, hangt erg af van de oorzaak. Zo kan soms door behandeling van een blaasontsteking een delier binnen een paar dagen verdwijnen.
Bij ouderen kan het herstel na een delier wel eens tegenvallen. Soms blijft iemand verward of vergeetachtig. Het kan zijn dat hij de medicijnen, bijvoorbeeld tegen de verwardheid, dan langere tijd moet slikken.

Veel mensen die een delier hebben gehad kunnen zich later weinig van die periode herinneren. Als het delier voorbij is, is het goed als u nog eens met de huisarts en de patiënt samen bespreekt wat er is gebeurd en hoe het delier kan zijn ontstaan (bijvoorbeeld door uitdroging of ondervoeding?). Als de oorzaak bekend is, kan de huisarts vaak ook vertellen waar u en de patiënt op moeten letten om te voorkomen dat een delier terugkomt of om de verschijnselen al vroeg te kunnen herkennen.

Wanneer bellen

Wanneer contact opnemen bij een delier?

Neem contact op met de huisarts:

  • als u ontdekt dat iemand plotseling verward raakt of andere verschijnselen krijgt van een delier;
  • als iemand die al langer een beetje verward is (bijvoorbeeld door dementie) ineens veel erger verward raakt;
  • als het thuis te zwaar wordt en er meer hulp nodig is.

Hoe eerder een delier wordt ontdekt en behandeld, hoe beter.

Meer informatie

Meer informatie over delier

De informatie over delier is gebaseerd op de wetenschappelijke richtlijn voor huisartsen, de NHG-Standaard Delier bij ouderen.

Laatst herzien op

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.