In het kort

  • Soms heb je hulp nodig bij je bevalling om je baby geboren te laten worden.
  • Je arts kan een zuignap op het hoofd van je baby plaatsen.
  • Tijdens het persen helpt de arts door aan de zuignap te trekken.
  • Je baby kan een kleine schaafwond of blauwe plek op het hoofd krijgen door de zuignap.
  • Je baby kan na de bevalling een bult op het hoofd hebben. Dit gaat meestal binnen een dag vanzelf weer weg.

Wat is een bevalling met hulp van een zuignap?

Bij een bevalling met hulp van een zuignap helpt je arts om je baby geboren te laten worden met hulp van een zuignap.

Bij een bevalling pers je tijdens weeën je baby naar buiten. Soms lukt dat niet goed. Dan heb je hulp nodig om je baby geboren te laten worden. De arts kan dan een zuignap gebruiken. Dit heet ook wel een vacuümpomp.
Als je bevalt met hulp van een zuignap, ben je altijd in het ziekenhuis.

De arts (gynaecoloog) zet de zuignap op het hoofd van je baby. Tijdens het persen helpt de arts door aan de zuignap te trekken. Zo komt je baby via je vagina naar buiten.

Wanneer is een bevalling met hulp van een zuignap nodig?

In deze situaties kan tijdens je bevalling hulp van een zuignap nodig zijn:

Voor je baby

Als je baby in gevaar is. Bijvoorbeeld als die te weinig zuurstof krijgt en snel geboren moet worden.

Voor jou

Als het niet lukt om je baby geboren te laten worden. Bijvoorbeeld als je te moe bent om verder te persen of niet te hard mag persen. Of als je baby in een andere houding ligt.

Dit betekent niet dat je iets fout doet. Soms is er een beetje extra hulp nodig om je baby veilig geboren te laten worden.

Hoe vaak komt een bevalling met hulp van een zuignap voor?

Van de 100 mensen die via de vagina bevallen, hebben 10 mensen hulp nodig van een zuignap.

De meeste mensen die via de vagina bevallen, hebben geen extra hulp nodig.

Wanneer gebeurt een bevalling met hulp van een zuignap?

Een bevalling met een zuignap kan alleen als je bevalling al ver is. Je baby zit dan al diep in je bekken en vagina, en is bijna geboren. Een zuignap wordt meestal alleen gebruikt als je niet eerder via je vagina bent bevallen.

Toestemming

Je arts of verloskundige heeft altijd jouw toestemming nodig voor een bevalling met hulp van een zuignap. Dit is zo voor alles wat zij tijdens de bevalling doen.

Weet je als je zwanger bent al dat je dit niet wilt? Bespreek dit dan op tijd met je arts of verloskundige. Die kan je uitleggen hoe een bevalling met hulp van een zuignap gaat. En wat er kan gebeuren met jou of je baby als je geen hulp van een zuignap wilt terwijl je baby al diep in je bekken zit.

Hoe een bevalling gaat is niet te plannen. Wel kunnen jullie samen bespreken wat voor jou belangrijk is. Zo kan je arts of verloskundige jou zo goed mogelijk helpen. Deze wensen kunnen jullie ook in je bevalplan zetten. Dit heet ook wel een geboorteplan. Bij De Verloskundige vind je meer informatie over hoe je een bevalplan maakt.

Als het niet lukt

Heel soms lukt het niet om je baby met een zuignap geboren te laten worden. Dan kun je een keizersnede nodig hebben. Je arts bespreekt dit altijd met je.

Hoe gaat een bevalling met hulp van een zuignap?

Als je hulp krijgt van een zuignap, gaat dat zo:

  • Je arts plaatst via je vagina de zuignap op het hoofd van je baby.
  • Het plaatsen kan even pijn doen. Probeer rustig te blijven ademen en de pijn weg te zuchten. De arts of verloskundige kan je hierbij helpen.
  • Als de zuignap is geplaatst, wordt je baby meestal binnen 10 tot 15 minuten geboren.
  • Tijdens elke wee trekt je arts aan de zuignap. Zo helpt die je baby om steeds een stukje verder naar buiten te komen.
  • Soms laat de zuignap even los van het hoofd van je baby. De arts kan dan proberen om de zuignap opnieuw te plaatsen.

Wat zijn de risico's van een bevalling met hulp van een zuignap?

Dit zijn de risico's van een bevalling met hulp van een zuignap:

Voor je baby

  • Je baby kan een kleine schaafwond of blauwe plek op het hoofd krijgen.
  • Na de geboorte kan je baby hoofdpijn hebben of misselijk zijn. Je baby kan dan krijgen via een zetpil in de anus (poepgat).
  • Heel soms kan je baby een bloeding onder de hoofdhuid krijgen. Meestal zijn dit kleine bloedingen en zijn ze niet ernstig. Grote bloedingen kunnen wel ernstig zijn.
  • Door een bloeding kan je baby een gele huid krijgen (geelzucht). Dit is normaal en gaat meestal na een paar dagen vanzelf weg.

Voor jou

De kans dat je een knip nodig hebt, is groter dan bij een bevalling zonder zuignap. De arts of verloskundige knipt dan een stukje in tussen je vagina en je anus. Zo kan je baby er makkelijker uit.

Verder zijn er meestal geen grote of ernstige risico's bij een bevalling met hulp van een zuignap.

paracetamol

Paracetamol werkt pijnstillend en koortsverlagend.

Het is te gebruiken bij verschillende soorten pijn zoals, hoofdpijn, migraine, koorts, griep, verkoudheid, keelpijn, bijholteontsteking, middenoorontsteking, oorpijn door gehoorgangontsteking, artrose, spierpijn, gewrichtspijn en menstruatieklachten.

Kijk voor meer informatie op Apotheek.nl.

Wat kun je doen om de kans op een bevalling met hulp van een zuignap zo klein mogelijk te maken?

Er zijn een paar dingen die je kunt proberen. Welke adviezen het best bij jou passen, hangt af van of je wel of geen ruggenprik kiest.

Als je geen ruggenprik kiest

Het kan helpen om tijdens het persen rechtop te zitten of op je zij te liggen.

Als je wel een ruggenprik kiest

Het kan helpen om even te wachten met persen. Bespreek met je arts of verloskundige wat het beste moment is om te beginnen. De houding waarin je perst, maakt meestal niet veel uit.

Het kan fijn zijn om iemand die je goed kent bij je te hebben tijdens de bevalling. Zoals je partner, een familielid of een vriend of vriendin. Die kan je steunen en helpen met keuzes maken.

Hoe gaat het verder als je een bevalling met hulp van een zuignap hebt gehad?

Na de bevalling met hulp van een zuignap kun je deze dingen merken:

Bij je baby

Na de geboorte kun je de afdruk van de zuignap nog zien op het hoofd van je baby. Dit is heel normaal en gaat meestal na een paar uur vanzelf weg. Vaak zie je ook een bult op het hoofd. Daardoor kan de vorm van het hoofd er even anders uitzien. Dit gaat vaak binnen een dag vanzelf weg.

Bij jezelf

Heb je tijdens je bevalling een knip gehad? Dan kun je tot 6 weken na je bevalling last hebben van pijn en van de hechtingen. Dit is normaal en gaat meestal vanzelf over. Neem de tijd om te herstellen en doe rustig aan.

Controle bij de arts

Ongeveer 6 weken na de bevalling heb je een controle afspraak met je arts. Soms ga je hiervoor naar het ziekenhuis. Soms spreken jullie af om elkaar te bellen. Jullie praten samen over hoe de bevalling is gegaan en hoe jij je nu voelt. Heb je vragen over je bevalling? Stel die dan aan je arts.

Gevoelens

Sommige mensen zijn teleurgesteld dat ze hulp nodig hadden bij de bevalling. Anderen vonden de bevalling spannend of naar. Bijvoorbeeld omdat alles heel snel ging. Deze gevoelens komen vaak voor en zijn heel normaal. Het kan helpen om hierover te praten met je arts, verloskundige of iemand die je goed kent.

Als je wilt, kan je arts je ook doorsturen naar een psycholoog. Die helpt je om met je gevoelens om te gaan.

FMS
Deze informatie is goedgekeurd door artsen.
Laatst gewijzigd: 6 mei 2026