In het kort

  • Vertel de arts die je opereert dat je een longziekte hebt. En welke longziekte. Bijvoorbeeld COPD, longfibrose of astma.
  • Vertel de arts ook of je medicijnen gebruikt en welke dat zijn. Meestal moet je je medicijnen blijven gebruiken. Stop niet zelf met je medicijnen.
  • Bij een operatie krijg je een verdoving.
  • Je bespreekt met je arts welke verdoving het beste bij jouw situatie past.

Hoe gaat de voorbereiding op een operatie als je een longziekte hebt?

Voor de operatie krijg je een gesprek met de arts die de operatie doet. Vertel de arts dat je een longziekte hebt. En ook welke longziekte. Bijvoorbeeld longfibrose, COPD of astma.
Om te zorgen dat de operatie zo veilig mogelijk is voor jou, wil de arts een paar dingen van je weten. Je krijgt bijvoorbeeld deze vragen:

  • Gebruik je medicijnen, en welke?
  • Hoe oud ben je?
  • Heb je nog andere ziektes?
  • Heb je allergieën, bijvoorbeeld voor bepaalde medicijnen?
  • Heb je wel eens problemen gehad met verdoving?

Meestal moet je je medicijnen blijven gebruiken. Stop nooit zelf met je medicijnen. Overleg dit altijd met je longarts.

Longfunctie-onderzoek nodig?

Is je longziekte niet erger geworden, dan krijg je niet standaard een longfunctie-onderzoek. Dit gebeurt wel als je meer klachten hebt gekregen. Of als jouw kans op longproblemen door de operatie erg groot is.

Lees meer adviezen over hoe je je kunt voorbereiden op een operatie.

Soorten verdoving bij een longziekte

Voor de operatie krijg je ook een gesprek met de arts die de verdoving regelt (anesthesioloog). Met deze arts bespreek je welke verdoving het beste bij je situatie past.

Er zijn verschillende soorten verdoving. Artsen noemen dit ook wel anesthesie. Bijvoorbeeld:

Volledige verdoving

Je krijgt medicijnen om diep te slapen. Daardoor merk je niets van de operatie. Je krijgt de medicijnen door een slangetje in je bloedvat (infuus). Dit zijn sterke slaapmedicijnen en pijnstillers. Artsen noemen dit ook wel narcose.

Ruggenprik

Via een naald of een dun slangetje krijg je een pijnstiller in je rug. Daardoor voel je geen pijn in de onderste helft van je lichaam. Zoals je buik, heupen en benen. Bij een ruggenprik blijf je wakker tijdens de operatie. Als je wilt, kun je medicijnen krijgen die rustig of slaperig maken.

Verdoving van zenuwen

Je krijgt een paar prikken met pijnstillers op de plek waar de arts je opereert. Bijvoorbeeld in 1 arm of 1 been. Hierdoor voel je geen pijn op die plek. Artsen noemen dit een zenuwblokkade. Bij deze verdoving ben je wakker tijdens de operatie. Als je wilt, kun je medicijnen krijgen die rustig of slaperig maken.

Medicijnen die rustig of slaperig maken bij een operatie

Door medicijnen die rustig of slaperig maken merk je minder wat er tijdens de operatie gebeurt. Vaak krijg je een slaapmiddel en pijnstillers. Artsen noemen dit sedatie. Dit wordt soms ook wel een roesje genoemd.

Je kunt deze medicijnen krijgen bij een ruggenprik of verdoving van de zenuwen. Bijvoorbeeld als je het eng vindt om alles te horen.

Is een verdoving gevaarlijk als je een longziekte hebt?

Als je een longziekte hebt, kun je door de verdoving problemen krijgen. Bijvoorbeeld een longaanval of een longontsteking. Die kans is iets kleiner bij plaatselijke verdoving (ruggenprik of plaatselijke verdoving van de zenuwen).

Is het nodig dat je in diepe slaap bent tijdens de operatie (narcose)? Dan let de arts die de verdoving regelt (anesthesioloog) extra op je longziekte tijdens de operatie.

Hoe kies je een verdoving?

De arts bekijkt hoe groot de kans op longproblemen door de verdoving bij jou is. Dit hangt af van je leeftijd en hoe gezond je verder bent. En van het soort operatie. Bij een operatie bovenin je buik of een operatie aan je borstkas is de kans op longproblemen groter dan bij operaties aan andere delen van je lichaam.

Je bespreekt samen met de arts de voordelen en nadelen van elke verdoving. Soms kun je niet zelf kiezen. Dan hoor je van de arts welke verdoving je krijgt.

Wanneer kan de operatie niet doorgaan?

Heb of had je kort geleden longontsteking met koorts? En heb je daarvoor medicijnen tegen bacteriën gekregen (antibiotica)? Dan gaat de operatie niet door. Behalve als de operatie niet kan wachten.

Als de operatie uitgesteld kan worden, word je 4 tot 6 weken later geopereerd.

Wat kun je zelf doen als je een longziekte hebt en een operatie krijgt?

Dit kun je zelf doen als je een longziekte hebt en een operatie krijgt:

Stoppen met roken

Rook je? Stop daar dan mee.

Naar long-fysiotherapie

Je longarts kan je voor de operatie doorsturen naar een long-fysiotherapeut. Je leert technieken om beter adem te halen. En krijgt oefeningen om slijm makkelijker op te hoesten. Dit maakt de kans kleiner dat je na de operatie problemen krijgt.

Hoe gaat het verder na de operatie?

Hoe het verder gaat na je operatie, verschilt per operatie. Na een grote operatie heb je meer tijd nodig om te herstellen dan na een kleine operatie.

Soms ga je na de operatie naar de intensive care (IC). Maar dit hoeft niet. Na sommige operaties kun je dezelfde dag weer naar huis.

Je krijgt medicijnen tegen de pijn. Die zorgen er ook voor dat je goed kunt doorademen. En slijm kunt ophoesten, zodat je geen longontsteking krijgt.

Weer beter worden

Het is belangrijk om zo snel mogelijk na de operatie weer uit bed te komen en te gaan bewegen.

Zorg ook dat je gezond eet, goed slaapt en genoeg ontspant. Zo word je sneller beter na de operatie.

Wanneer bellen als je een longziekte hebt en een operatie hebt gehad?

De arts of verpleegkundige vertelt je bij welke klachten je het ziekenhuis moet bellen. Je krijgt een telefoonnummer van het ziekenhuis dat je 24 uur per dag kunt bereiken, dus ook 's avonds en in het weekend. Je hoeft dan niet eerst je huisarts of de huisartsen-spoedpost te bellen.

Bel direct je arts in het ziekenhuis als je een longziekte hebt en na een operatie thuis 1 of meer van deze dingen hebt:

Meer informatie over longziektes

  • Meer informatie over longziektes: Longfonds
  • Contact met andere mensen met een longziekte: Longfonds

Over deze tekst

FMS
Deze informatie is goedgekeurd door artsen.
Laatst gewijzigd: 14 sep 2026