Mijn kind kijkt scheel

In het kort

In het kort

  • Het is belangrijk om scheelzien op tijd te ontdekken en te behandelen. 
  • Dat kan een lui oog voorkomen.
  • Scheelzien kan komen door onscherp zien, te lange/te korte oogspiertjes of erfelijkheid.
  • Het scheelzien kan minder worden / verdwijnen door:
    • een bril of
    • het luie oog af te plakken. 
  • Soms is een operatie aan de oogspieren nodig.
Wat is het

Wat is scheelzien?

Wanneer een kind ergens naar kijkt, draaien beide ogen meestal tegelijk naar dat voorwerp toe. Zodra de ogen niet precies dezelfde kant op kijken, noemen we dat scheelzien.

Scheelzien wordt ook wel loensen genoemd. 

Wat merk ik

Wat zijn de verschijnselen bij een kind dat scheel ziet?

Veel ouders merken niet dat hun kind scheel ziet. Het is vaak moeilijk te herkennen.

  • Soms kijkt een kind het ene moment scheel en het andere niet. Sommige kinderen kijken alleen scheel als ze moe zijn.
  • Scheel kijken kan alle kanten op. Het schele oog kan naar buiten kijken, naar binnen (richting neus), naar boven, naar onderen of daar tussenin.
  • Een kind dat scheel is, knijpt soms een oog dicht of houdt een hand voor het oog om beter te zien. Dat doet het om niet dubbel te zien.
  • Wanneer een kind scheel kijkt, ziet het dubbel. Dat dubbelzien is lastig. De hersenen van uw kind herstellen dit probleem door één oog ‘uit te schakelen’. Uw kind kijkt dan nog maar met één oog en ziet dan niet meer dubbel. Het ‘uitgeschakelde’ oog noemen we een lui oog.
Oorzaken

Hoe ontstaat scheelzien?

Scheelzien heeft verschillende oorzaken:

    • Soms komt scheelzien voor in de familie. 
    • Te lange of te korte oogspiertjes: Een oog zit met 6 oogspiertjes vast in de oogkas. Als een of meer van die oogspiertjes te lang zijn of juist te kort, dan kan dat het oog scheeftrekken. 
    • Onscherp zien: Als uw kind onscherp ziet, lukt het niet om de ogen goed ergens op te richten.
    Adviezen

    Wat kunt u zelf doen als uw kind scheel ziet?

    De ogen van uw kind worden in de eerste levensjaren een aantal keer gecontroleerd. Dit gebeurt op het consultatiebureau. Het is belangrijk dat u naar deze controles gaat.

    • Heeft u zelf iets aan de ogen van uw kind gemerkt?
    • Denkt u dat uw kind slecht ziet?
    • Denkt u dat uw kind scheel kijkt?
    • Hebben een of meer mensen in uw familie een lui oog?
    • Zien een of meer familieleden scheel?
    • Dragen een of meer familieleden een extra sterke bril?

    Vertel dit op het consultatiebureau.

    Het is van belang scheelzien op tijd te ontdekken. Dat kan voorkómen dat uw kind een lui oog krijgt. Scheelzien is ook een extra reden om te testen of uw kind wel scherp ziet en het zo nodig een bril te geven.

    Behandeling

    Behandeling van een kind dat scheel ziet

    Als uw kind scheel ziet, verwijst uw huisarts u naar de oogarts of orthoptist.

    De oogarts of orthoptist kan al bij heel jonge kinderen meten of ze een bril nodig hebben of niet. Zodra uw kind met een bril weer scherp ziet, kan het de ogen weer richten en gaat het scheelzien weg. Zo voorkomt u dat het oog lui wordt.

    Wordt het scheelzien wat later ontdekt, dan is het oog misschien lui geworden.
    Bij een lui oog is het belangrijk om het goede oog van uw kind af te plakken. Zo leert het luie oog weer om normaal te zien. Hoe jonger uw kind is als het oog wordt afgeplakt, hoe groter de kans op herstel. Het afplakken helpt niet tegen het scheelzien.

    Soms is een combinatie van afplakken en een bril het beste.

    Hoe gaat het verder?

    Hoe gaat het verder bij een kind dat scheel ziet?

    Bij scheelzien
    Soms is er een operatie nodig om het scheelzien te verhelpen. De oogspiertjes worden dan ingekort of verplaatst zodat het oog weer recht kan kijken. Vaak is er nog een tweede oogoperatie nodig voor de ‘fijne afstelling’. Sommige kinderen moeten aan 2 ogen worden geopereerd.

    Bij een lui oog door scheelzien
    Krijgt uw kind een bril of wordt het oog afgeplakt? Dan is het belangrijk om dat vol te houden. Hoe jonger uw kind is, hoe groter de kans op herstel. 

    De kans op herstel wordt steeds kleiner als uw kind ouder wordt. Tegen de tijd dat kinderen 8 jaar zijn, is een lui oog meestal niet meer te herstellen. Spreek daarom goed af met uw arts wat er moet gebeuren.

     

    Meer informatie
    Laatst herzien op

    Vond u deze informatie nuttig?

    Vond u deze informatie nuttig?
    Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
    Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.