Ik heb een zwakke plek in een bloedvat (aneurysma) in mijn hoofd en krijg een operatie via mijn lies

In het kort

In het kort

  • U wordt eerst in een diepe slaap gebracht (narcose).
  • De arts brengt daarna een slangetje van uw lies naar het bloedvat in uw hoofd.
  • Door het slangetje schuift de arts metalen draadjes in het wijde bloedvat. De draadjes vullen de zwakke plek. Zo kan er geen bloed meer in.
  • Na deze operatie krijgt u langere tijd regelmatig controle in het ziekenhuis.
  • De operatie geeft een kleine kans op hersenschade. Klachten zijn bijvoorbeeld minder goed bewegen, moeite met denken en erg moe zijn.
Wat is het

Hoe gaat een operatie via mijn lies?

U wordt eerst in een diepe slaap gebracht (narcose).

De arts brengt een slangetje via een slagader naar het bloedvat in uw hoofd. Meestal gebeurt dit vanuit uw lies. Door het slangetje schuift de arts metalen draadjes in de zwakke plek. De draadjes vullen de zwakke plek. Zo kan er geen bloed meer in. De draadjes worden ook wel coils genoemd.

Soms plaatst de arts eerst een soort kokertje van gaas voor de zwakke plek (een stent). Dit is soms nodig om de zwakke plek goed te kunnen vullen met de draadjes.

Als de zwakke plek is gevuld, haalt de arts het slangetje weer uit uw lichaam. De ader in uw lies wordt dichtgemaakt.

Voordelen

Wat zijn de voordelen van een operatie via mijn lies?

  • De operatie is veiliger voor mensen met een minder goede gezondheid dan een operatie via de schedel.
  • De arts kan bij plekken komen waar hij niet bij kan via uw schedel.
  • Sommige mensen vinden een operatie via een slangetje minder spannend dan via het hoofd.
  • Er hoeft geen haar op uw hoofd weggeschoren te worden. U krijgt ook geen litteken op uw hoofd. Dit is wel zo bij een operatie via de schedel.
Nadelen en risico's

Wat zijn de nadelen en risico’s van een operatie via mijn lies?

Nadelen van de operatie

  • Het lukt soms niet in een keer om de zwakke, wijde plek te vullen. Dan zijn er meer operaties nodig.
  • Soms houden de draadjes na een tijd het bloed niet meer goed tegen. Dat komt omdat de draadjes dichter op elkaar gaan zitten. Dan kan er weer bloed omheen en kan de zwakke plek weer groeien.
    Als dit gebeurt, is dat meestal na 1 tot 2 jaar. Daarom krijgt u nog langere tijd regelmatig controles. Dit gebeurt met een MRA-onderzoek. Dit is een MRI van de bloedvaten. Soms is dan opnieuw een operatie nodig.

Risico’s van de operatie

Elke operatie geeft risico’s, zoals:

  • een bloeding in de lies
  • een bacterie kan in uw lichaam komen en een ontsteking geven. Zoals een ontsteking van de wond of een longontsteking.
  • een bloedpropje in een bloedvat (trombose, bijvoorbeeld een trombosebeen of longembolie)

Bij een operatie via de lies heeft u ook een kleine kans op deze problemen:

  • een hersenbloeding tijdens de operatie
    Dit kan gebeuren als de zwakke plek of een bloedvat scheurt tijdens de operatie. Dit wordt meteen dichtgemaakt. U moet langer in het ziekenhuis blijven. Het is niet zeker wat de gevolgen zijn van een hersenbloeding. Als u er klachten van krijgt, gaan deze meestal weer weg.
  • een herseninfarct tijdens of na de operatie
    Het bloed stroomt dan niet goed door in uw hersenen. Dit kan gebeuren als het slangetje in de ader een stukje kalk in het bloedvat losduwt. Dit stukje kalk kan het bloedvat afsluiten. U heeft dan een beroerte. Het is niet zeker of uw klachten weer weggaan.
  • overgevoelige reactie op contrastmiddel
    U kunt zich grieperig voelen of tijdelijk sommige delen van uw lichaam minder goed bewegen. Meestal kan dit geen kwaad. Als u weet dat u overgevoelig bent voor contrastmiddel, vertel dit dan vooraf aan uw arts.

De kans op deze problemen is groter:

  • als u rookt
  • als u een hoge bloeddruk heeft
  • als u medicijnen gebruikt om uw bloed dun te houden (bloedverdunners)
  • als u suikerziekte heeft
  • als u hartproblemen heeft
  • bij sommige plekken in uw hoofd
  • bij zwakke plekken met een brede ingang

De problemen kunnen zorgen voor hersenschade, zoals:

  • U kunt delen van uw lichaam niet meer goed bewegen.
  • U kunt minder goed zien, horen of praten.
  • U heeft moeite met denken en begrijpen.

U kunt ook de volgende klachten hebben:

  • U kunt erg moe zijn terwijl u weinig gedaan heeft. Zowel lichamelijk als mentaal kunt u erg moe zijn.
  • Uw gedrag en uw stemming kunnen veranderd zijn.
  • U kunt bang en onzeker zijn.

Als u deze problemen heeft na de operatie, gaan ze meestal niet meer over. De klachten lijken vaak op de klachten van een beroerte. Als de klachten niet meer weg gaan, kunt u er zo goed mogelijk mee leren omgaan.

Soms worden de klachten wel minder of gaan ze weer weg.

Er is ook een kleine kans dat u overlijdt door de operatie of door hersenschade door de operatie.

Hoe gaat het verder?

Hoe gaat het verder na een operatie via mijn lies?

Als alles goed gaat, kunt u meestal na 1 dag weer naar huis.

De eerste 4 dagen thuis moet u rustig aandoen met uw lies. U kunt beter niet traplopen, zwaar tillen of fietsen. Zo geneest de wond in uw lies sneller.

Daarna kunt u meestal uw activiteiten weer doen, zoals werken en sporten.

Gezond leven maakt de kans kleiner dat u een nieuwe zwakke plek krijgt. Stop met roken als u rookt. Laat regelmatig uw bloeddruk controleren door uw huisarts.

Als u geen klachten krijgt na een operatie via uw lies, dan gelden dezelfde regels voor uw rijbewijs als vóór de operatie.

Controle

Na 1 tot 2 maanden heeft u weer een controle bij uw arts in het ziekenhuis. U bespreekt dan hoe het gaat en de arts controleert de wond in uw lies.

Soms houden de draadjes na een tijd het bloed niet meer goed tegen. Dat komt omdat de draadjes dichter op elkaar gaan zitten. Dan kan er weer bloed omheen en kan de zwakke plek weer groeien. Als dit gebeurt, is dat meestal na 1 tot 2 jaar. Daarom krijgt u nog langere tijd regelmatig controles.

Wanneer bellen?

Wanneer bellen na een operatie via mijn lies?

Bel meteen 112 als u ineens heel heftige hoofdpijn en/of nekpijn krijgt. U kunt daarbij ook 1 of meer van deze klachten hebben:

  • U bent ineens misselijk en moet overgeven.
  • Het voelt alsof u gaat flauwvallen.
  • U bent even bewusteloos geweest.
  • U kunt ineens minder goed zien of praten.
  • U heeft ineens minder kracht in uw armen of benen.
  • U gaat heftig schokken met uw hoofd, armen of benen.

Bel uw arts bij 1 of meer van de volgende klachten:

  • U heeft koorts (38 graden of hoger).
  • De wond in uw lies wordt ineens dikker.
  • Het been aan de kant van de operatie:
    • doet pijn
    • heeft minder gevoel
    • wordt dikker
Meer informatie
Deze tekst is aangepast op
FMS

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u een tip hoe wij Thuisarts.nl kunnen verbeteren?