Ik heb misschien longkanker

In het kort

In het kort

  • Hoesten is vaak de eerste klacht bij longkanker.
  • Meestal gaat het om lange tijd veel hoesten of hoest die steeds erger wordt.
  • Andere klachten die u kunt krijgen zijn: bloed hoesten, moeheid, geen zin in eten en dunner worden.
  • Longkanker ontstaat meestal door lang en veel roken.
  • De huisarts kan bloedonderzoek laten doen en een foto laten maken van uw borstkas.
  • Als dat nodig is laat de longarts meer onderzoek doen. Bijvoorbeeld:
    • een CT-scan en/of PET-scan
    • een kijkonderzoek in de longen
    • een klein stukje long weghalen voor onderzoek
  • Heeft u vragen of bent u bang? Praat erover met uw huisarts.
Wat is het

Wat is longkanker?

Bij longkanker groeit er in een long een gezwel van kankercellen. Dit heet een tumor.

Er kunnen cellen van de tumor losraken. Die kunnen ergens anders in het lichaam komen. Bijvoorbeeld in de hersenen, botten of lever. Daar kunnen ze weer uitgroeien tot tumoren. Dit zijn uitzaaiingen.

Soorten longkanker

Soorten longkanker

Er zijn 2 soorten longkanker:

  • Niet-kleincellige longkanker
    Ongeveer 80 van de 100 mensen met longkanker heeft deze vorm van kanker.
    De tumor groeit langzamer dan bij kleincellige longkanker. Vaak groeit de tumor al lange tijd in de longen voordat de longkanker wordt ontdekt.
  • Kleincellige longkanker
    Ongeveer 15 van de 100 mensen met longkanker heeft deze vorm van kanker.
    De cellen van deze soort longkanker zijn klein. Ze delen zich heel snel. De tumor groeit sneller dan niet-kleincellige longkanker.

De informatie op Thuisarts.nl gaat over de vorm van longkanker die het vaakst voorkomt: niet-kleincellige longkanker.

Wat merk ik

Welke klachten geeft longkanker?

De meeste mensen met longkanker krijgen pas laat klachten. De tumor is dan meestal al vrij groot. De kanker is vaak ook al uitgezaaid. De kanker zit dan niet in 1 long, maar ook in de andere long. Of op andere plekken in uw lichaam.

Soms komen de eerste klachten door uitzaaiingen. Bijvoorbeeld pijn op andere plekken in het lichaam, door uitzaaiingen in de botten.

Klachten bij longkanker kunnen zijn:

  • lange tijd veel hoesten, een prikkelhoest
  • bloed hoesten
  • pijn bij inademen
  • een piepende adem
  • benauwdheid
  • longontsteking
  • een hese stem die niet weggaat, zonder keelpijn
  • zeurende pijn in de borst, rug of schouders
  • hele bolle nagels van de vingers (trommelstokvingers)
  • soms: dikker worden van het gezicht of de nek

Vaak zorgt longkanker ervoor dat u minder fit bent. U kunt last hebben van:

  • moeheid
  • weinig zin in eten
  • dunner worden

Soms heeft iemand met longkanker deze klachten:

  • hoofdpijn
  • sufheid
  • pijn in het lichaam
  • pijn of een naar gevoel in een arm, of een arm niet kunnen bewegen
Oorzaken

Hoe ontstaat longkanker?

  • Longkanker komt vaak door roken.
    Dit is zo bij 85 van de 100 mensen met longkanker.
    Mensen die zelf niet roken maar wel vaak in rokerige ruimten zijn, hebben ook meer kans op longkanker.

  • Soms komt longkanker niet door roken.
    Ongeveer 15 van de 100 mensen met longkanker hebben nooit of bijna nooit gerookt.

De volgende mensen hebben ook meer kans om longkanker te krijgen:

  • Mensen die al een longziekte hebben, zoals COPD.
  • Mensen die vaak contact hebben met bepaalde stoffen, zoals nikkel, radon, arseen of asbest. Bijvoorbeeld bij werken in de bouw of in sommige fabrieken.
  • Mensen die vroeger bestraald zijn.

Longkanker is:

  • niet erfelijk
    Longkanker is niet erfelijk. We weten niet waarom sommige rokers wel longkanker krijgen en andere niet. Ongeveer 15 van de 100 rokers krijgt longkanker.
  • niet besmettelijk
Onderzoek bij huisarts

Onderzoek van longkanker bij de huisarts

Als u met (hoest)klachten naar de huisarts gaat, zal hij of zij u vragen stellen, zoals:

  • Hoe lang hoest u al?
  • Heeft u ook keelpijn? Bent u hees?
  • Rookt u of heeft u gerookt?
  • Voelt u zich vaker moe dan eerst?
  • Eet u goed? Bent u dunner geworden?
  • Heeft u nog andere klachten?

Ook onderzoekt de huisarts uw lichaam.

Hoesten zonder andere klachten komt meestal door een verkoudheid of bronchitis.

Als u ook andere klachten heeft, dan is verder onderzoek in het ziekenhuis nodig. Zoals:

  • bloedonderzoek
  • een longfoto (röntgenfoto van uw borstkas)
  • soms: meten hoeveel zuurstof in uw bloed zit
  • soms: een onderzoek naar hoe goed uw longen werken (een longfunctietest)

De huisarts bespreekt met u de uitslag van de onderzoeken. Denkt de huisarts dat het misschien longkanker is? Dan stuurt hij of zij u door naar een longarts in het ziekenhuis.

De huisarts stuurt de uitslagen van de onderzoeken naar de longarts of geeft ze aan u mee.

Onderzoek bij longarts

Onderzoek van longkanker bij de longarts

De longarts bekijkt de uitslagen van de onderzoeken die u heeft gehad. U bespreekt samen uw klachten en de longarts onderzoekt uw lichaam.

Daarna krijgt u meer onderzoeken om uit te zoeken wat u heeft. Bijvoorbeeld:

CT-scan

Met een CT-scan kan de arts precieze foto’s maken van uw organen en weefsels. U krijgt contrastmiddel via een infuus. Hierdoor zijn de organen en weefsels beter te zien op de scan. Bent u overgevoelig voor contrastmiddel? Vertel dit uw arts.

PET-scan

Dit onderzoek laat zien waar kankercellen groter dan 5 millimeter zitten. U krijgt een radioactief middel ingespoten. Dit komt in de kankercellen terecht. Op de scan zijn de kankercellen te zien. Met deze scan kijkt de arts of u uitzaaiingen heeft.

MRI-scan

Op een MRI-foto is een tumor soms nog beter te zien. Een MRI werkt met een magneetveld, radiogolven en een computer.

Tijdens het MRI-onderzoek ligt u in een ronde tunnel. Het apparaat kan lawaai maken. Daar krijgt u oordopjes voor of u kunt naar muziek luisteren.

Kijkonderzoek in de longen (bronchoscopie)

De arts schuift een dunne slang met een kleine camera via uw mond of neus in uw longen. Daarmee bekijkt hij of zij de longen van binnen.

De arts verdooft eerst uw mond en keel met een spray. Sommige mensen krijgen ook een middel dat ze in een diepe slaap brengt (narcose).
Als u erg bang bent voor het onderzoek, kunt u dit ook krijgen. Vraag dit dan van tevoren aan uw arts.

Weghalen van een klein stukje long (biopsie)

Ook kan de arts een klein stukje weefsel uit de longen weghalen. Dit heet een biopsie. Het weefsel wordt onderzocht op kankercellen en foutjes in het DNA.

Stukje weefsel uit tumor prikken (longpunctie)

Soms is het nodig om van buitenaf in de long te prikken om cellen uit de tumor te nemen. Dit heet een punctie. Het weefsel wordt onderzocht op kankercellen en foutjes in het DNA.

Hoe gaat het verder?

Hoe gaat het verder bij onderzoek van longkanker?

Het duurt vaak ongeveer 2 tot 4 weken voordat u alle onderzoeken naar longkanker heeft gehad. Dat is een onzekere periode.

Veel ziekenhuizen hebben een verpleegkundig specialist. Die kan u uitleg geven en steunen.

Soms is het al na 1 onderzoek duidelijk dat u wel of geen longkanker heeft. Dan weet u dat al na een paar dagen.

Meestal zijn er meer onderzoeken nodig. Dan weet u pas na 3 of 4 weken zeker of u wel of geen longkanker heeft.

Als u longkanker heeft, is er meer onderzoek nodig. Bijvoorbeeld om te weten of u uitzaaiingen heeft.

Meer informatie
Laatst herzien op
FMS

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u een tip hoe wij Thuisarts.nl kunnen verbeteren?