In het kort

  • Je baby kan prikken krijgen tegen pneumokokken.
  • De prik beschermt je kind tegen erge ziektes door deze bacteriën, zoals hersenvlies-ontsteking.
  • Binnen 1 dag na de prik kan je baby last krijgen van bijwerkingen.
  • Bijvoorbeeld: koorts, meer huilen of pijn op de prikplek. Ze gaan vaak binnen een paar dagen weer weg.

Wat zijn pneumokokken?

Pneumokokken zijn bacteriën. Ze zijn erg besmettelijk. Vaak zitten ze in je neus of keel, zonder dat je er ziek van wordt.

Sommige kinderen krijgen een oorontsteking of bijholte-ontsteking. Vooral jonge kinderen kunnen erg ziek worden. Ze krijgen bijvoorbeeld een hersenvlies-ontsteking of een erge longontsteking.

In Nederland worden niet veel kinderen erg ziek door pneumokokken. Dat komt doordat de meeste kinderen er een prik tegen krijgen.

Prikken tegen pneumokokken

Je baby kan gratis prikken krijgen tegen pneumokokken. Voor deze pneumokokken-vaccinatie krijg je een brief van het Rijksvaccinatieprogramma.

Hoe beschermen de prikken?

In de prikken zit een vaccin met dode stukjes van 15 soorten pneumokokken. Die maken de afweer van je kind sterk. Daardoor is de kans kleiner dat je kind erg ziek wordt door pneumokokken.

Met de prikken help je ook andere kinderen en volwassenen. Hoe meer kinderen de prikken krijgen, hoe minder kinderen de ziekte krijgen. En hoe kleiner de kans om anderen te besmetten.

Hoe lang beschermd?

Na de prikken is je kind minstens 10 jaar beschermd tegen pneumokokken.

Veilig

De prik tegen pneumokokken is heel goed getest en veilig. Er zijn geen bijwerkingen bekend die niet meer weggaan.

Wanneer kan je baby de prik tegen pneumokokken krijgen?

Je baby krijgt de prik op 3 momenten:

  • Als je baby 3 maanden oud is.
  • Als je baby 5 maanden oud is.
  • Als je baby 12 maanden oud is.

Vooral jonge kinderen kunnen erg ziek worden door pneumokokken. Daarom krijgt je baby de prikken allemaal in het eerste jaar. Zo is je baby meteen goed beschermd.

Je baby kan meer prikken en druppels tegen ziektes krijgen, ook later als kind. Je kunt ze ook bekijken bij het Rijksvaccinatieprogramma.

Wanneer is het beter om de prik later te krijgen?

In deze situaties overleg je met het consultatie-bureau of de Jeugd-gezondheidszorg of je kind de prik later moet krijgen:

  • Je kind heeft koorts: 38 graden of hoger.
  • Je kind heeft minder afweer door een ziekte.
    Deze kinderen horen van hun arts in het ziekenhuis of ze de prik mogen.
  • Je kind krijgt een operatie op de dag van de prik. Of binnen 2 dagen na de prik.
  • Je kind heeft epilepsie.
  • Je kind krijgt prikken tegen een allergie, zoals tegen hooikoorts (immunotherapie).

Bij twijfel

Twijfel je of je kind de prik mag krijgen? Vraag het aan het consultatie-bureau of de Jeugd-gezondheidszorg in jouw buurt. Of aan de arts in het ziekenhuis, als je kind daar in behandeling is.

Hoe krijgt je baby de prik?

Tijdens de prik heb je je baby op schoot. De jeugdarts of jeugd-verpleegkundige geeft de prik in het bovenbeen.

Door de prik kan je baby schrikken of pijn hebben. Jij kunt dan helpen. Bijvoorbeeld zo:

  • Laat je baby op een speen of vinger zuigen.
  • Geef je baby borstvoeding of flesvoeding.
  • Als je baby al iets ouder is: geef speelgoed. Of speel muziek of een filmpje af op je telefoon.

Bijwerkingen van de prik tegen pneumokokken

Binnen 1 dag na de prik kan je baby last krijgen van bijwerkingen:

  • pijn op de plek van de prik
  • de prikplek is dik, rood of warm
  • koorts
  • meer huilen
  • slecht slapen of meer slapen
  • slechter drinken

Deze klachten gaan vaak na een paar dagen weer weg.

Meer informatie over de prik tegen pneumokokken

Over deze tekst

Overig
Deze informatie is goedgekeurd door artsen.
Laatst gewijzigd: 28 mei 2026