In het kort

  • Je kind kan prikken krijgen tegen bof, mazelen en rodehond: de BMR-prik.
  • De prik beschermt je kind tegen deze ziektes.
  • 5 tot 12 dagen na de prik kan je kind bijwerkingen krijgen.
  • Bijvoorbeeld: moe zijn, koorts, hoofdpijn of vlekjes op de huid. Ze gaan na een paar dagen vanzelf weg.

Wat zijn bof, mazelen en rodehond?

Bof, mazelen en rodehond zijn besmettelijke ziektes. De oorzaak is een virus.

De bof

Een kind met de bof heeft een dikke wang. Dat komt doordat de speekselklier bij het oor ontstoken is. Kinderen kunnen erg ziek worden van de bof. Ze krijgen dan bijvoorbeeld een hersenvlies-ontsteking. Of worden doof. Jongens kunnen een ontsteking van de zaadbal krijgen, meisjes een ontsteking van de eierstok.

Mazelen

Van mazelen worden kinderen verkouden. Ze krijgen ook hoge koorts en vlekjes. Mazelen kan voor een heel erge ziekte zorgen. Bijvoorbeeld een heel erge oorontsteking, longontsteking of hersen-ontsteking. Sommige kinderen houden daarna last. Ze zijn bijvoorbeeld doof aan 1 oor. Of hebben schade aan de hersenen.

Rodehond

De meeste mensen hebben niet veel last van rodehond. Klachten zijn soms: verkouden, moe of koorts. Na 1 dag komen er roze-rode vlekjes over de hele huid. Rodehond is vooral gevaarlijk voor baby's in de buik. En voor zwangere vrouwen die geen rodehond of BMR-prik hebben gehad. Vooral in de eerste helft van de zwangerschap. Rode hond kan dan zorgen voor een miskraam. Of de baby kan problemen krijgen met het hart, de ogen of de oren.

In Nederland krijgen weinig mensen deze ziektes meer. Dat is omdat de meeste kinderen een prik ertegen krijgen.

Prikken tegen bof, mazelen en rodehond

Je kind kan prikken krijgen tegen bof, mazelen en rodehond. Dit is de BMR-prik. Hierover krijg je een brief van het Rijksvaccinatieprogramma.

Hoe beschermen de prikken?

In de prikken zitten virussen van bof, mazelen en rode hond die zwak zijn gemaakt (vaccin). Die maken de afweer van je kind sterk. Daardoor is de kans veel kleiner dat je kind de ziektes krijgt. Krijgt je kind de ziektes toch? Dan heeft je kind er meestal niet veel last van.

Hoe meer kinderen de prikken krijgen, hoe minder kinderen de ziekte krijgen. En hoe kleiner de kans om anderen te besmetten.

Hoe lang beschermd?

  • De kans is heel groot dat je kind voor altijd beschermd is tegen mazelen en rodehond.
  • De prikken beschermen ook jarenlang tegen de bof. Hoeveel jaar is nog niet duidelijk.
    Krijgt je kind na de prikken toch de bof? Dan is de kans op erge klachten wel veel kleiner.

Veilig

De BMR-prik is gratis, heel goed getest en veilig. Er zijn geen bijwerkingen bekend die niet meer weggaan.

Wanneer kan je kind de BMR-prik krijgen?

Je kind krijgt de prik op 2 momenten:

  • Als je kind 14 maanden is.
  • Als je kind ongeveer 3 jaar is.

Dan is je kind goed beschermd tegen mazelen, bof en rodehond.

Kijk verder bij het Rijksvaccinatieprogramma. Hier zie je alle prikken en druppels die je kind kan krijgen.

Wanneer is het beter om de BMR-prik later te krijgen?

In deze situaties overleg je met het consultatie-bureau of de Jeugd-gezondheidszorg of je kind de prik later moet krijgen:

  • Je kind heeft koorts: 38 graden of hoger.
  • Je kind heeft minder afweer door een ziekte of medicijnen. Zoals medicijnen tegen reuma.
    Deze kinderen horen van hun arts in het ziekenhuis of ze de BMR-prik mogen.
  • Je kind krijgt een operatie op de dag van de prik. Of binnen 2 weken na de prik.
  • Je kind heeft epilepsie.
  • Je kind krijgt prikken tegen een allergie, zoals tegen hooikoorts (immuun-therapie).

Bij twijfel

Twijfel je of je kind de prik mag krijgen? Vraag het aan het consultatie-bureau of de Jeugd-gezondheidszorg in jouw buurt. Of aan de arts in het ziekenhuis, als je kind daar in behandeling is.

Hoe krijgt je kind de BMR-prik?

Je kind krijgt de prik van de jeugdarts of jeugd-verpleegkundige. Zo gaat dat:

  • Is je kind nog klein? Dan zit je kind tijdens de prik op je schoot. Je kind krijgt de prik vaak in het bovenbeen. Soms in de bovenarm.
  • Grotere kinderen kiezen zelf waar ze willen zitten. Je kind krijgt de prik dan meestal in de bovenarm. Zorg dat je kind losse bovenkleding aan heeft. Bijvoorbeeld een T-shirt of vest. Zo kan de arts of verpleegkundige makkelijk bij de bovenarm.

Je kind helpen bij de prik

Vooral kleinere kinderen kunnen door de prik even schrikken of pijn hebben. Je kind afleiden kan dan helpen. Bijvoorbeeld zo:

  • Laat je baby op een speen of vinger zuigen.
  • Geef je baby borstvoeding of flesvoeding.
  • Geef je kind speelgoed.
  • Laat je kind naar muziek luisteren.
  • Laat je kind een filmpje op je telefoon zien.
  • Laat je kind blazen. Bijvoorbeeld bellen blazen. Of tegen een windmolentje blazen.

Bijwerkingen van de BMR-prik

Direct na de prik kan je kind last hebben van pijn op de plek van de prik. Of een dikke, rode, warme prikplek. Na 5 tot 12 dagen kan je kind deze bijwerkingen krijgen:

  • moe zijn of nergens zin in hebben
  • koorts
  • hoofdpijn
  • vlekjes op de huid

De klachten lijken een beetje op mazelen, bof of rodehond. Dat is goed: je kind maakt afweer tegen deze virussen. De klachten gaan vaak na een paar dagen vanzelf weg. Ook kan je kind anderen niet besmetten.

Lees wat je kunt doen als je kind klachten krijgt na de prik.

Let op: heel soms krijgt een kind een erge klacht na deze prik. Bijvoorbeeld een koortsstuip. Bel dan direct je huisarts, de huisartsen-spoedpost of 112.

Meer informatie over de BMR-prik

Over deze tekst

NHG
Deze informatie is goedgekeurd door artsen.
Laatst gewijzigd: 28 mei 2026