Ik maak me zorgen om een kind van iemand met psychische problemen of een verslaving

In het kort

In het kort

  • Kinderen van iemand met psychische problemen of een verslaving hebben meer kans om zelf ook problemen te krijgen.
  • Let op signalen dat een kind het moeilijk heeft.
  • U kunt het kind al helpen door te vragen wat het nodig heeft.
  • Soms is hulp van naasten niet genoeg: dan is professionele hulp nodig.
  • Bel de huisarts (of huisartsenpost) van uw naaste als u zich veel zorgen maakt.
  • Bel 112 als er een gevaar dreigt voor het kind of iemand in zijn omgeving.
Wat is het

Kinderen van iemand met psychische problemen of een verslaving

In Nederland hebben ongeveer 17 van de 100 kinderen (tot 18 jaar) een ouder met psychische problemen of een verslaving. Deze kinderen kunnen zelf ook problemen krijgen. Ze hebben meer dan andere kinderen kans op:

  • problemen in hun ontwikkeling (lichamelijk, het omgaan met anderen, leren)
  • gedragsproblemen
  • dezelfde problemen als hun ouder
  • depressie
  • angst
  • gedachten aan zelfdoding

Als u zo’n kind kent, kunt u bezorgd zijn. Bijvoorbeeld als familielid, buurvrouw, sportcoach, klasgenoot of collega. Of vanuit uw werk, bijvoorbeeld als kinderopvangmedewerker, leraar, tandarts, jeugdarts of -verpleegkundige.

Hulpverleners gebruiken voor deze kinderen vaak de afkorting KOPP/KOV (Kinderen van ouders met psychische problemen en kinderen van ouders met een verslaving).

Wat merk ik? (0-4 jaar)

Hoe merk ik dat een kind (0-4 jaar) problemen heeft?

Niet elk kind met een ouder die psychische problemen heeft of verslaafd is, krijgt zelf ook problemen. Maar het is wel goed om te weten waar u op kunt letten bij deze kinderen.

Baby’s (0 tot 12 maanden)

  • niet eenkennig worden: het maakt de baby niet uit of de ouder er wel of niet is
  • niet gaan lachen, kirren of brabbelen
  • laat gaan zitten, kruipen, staan
  • niet willen eten en/of veel spugen
  • slecht slapen
  • veel huilen, of juist heel weinig
  • huidproblemen/eczeem

Peuters (1 tot 4 jaar)

  • Langzaam zijn met leren (bijvoorbeeld laat gaan praten).
  • Niet kunnen concentreren.
  • Niet uit zichzelf gaan spelen of bij het spelen heel bang zijn. Of juist veel te wild spelen.
  • Weer gaan broekplassen (als het kind al zindelijk was).
Wat merk ik? (4-12 jaar)

Hoe merk ik dat een schoolkind (4-12 jaar) problemen heeft?

Een kind dat thuis te maken heeft met psychische problemen of verslaving van de ouder(s), kan op school problemen krijgen. Hier kunt u op letten bij deze kinderen:

Kleuters (4 tot 6 jaar)

  • Scheidingsangst: in paniek raken als de ouder weggaat.
  • Niet goed kunnen omgaan met anderen.
  • De signalen die hierboven staan voor peuters kunnen ook bij kleuters nog voorkomen.

Basisschoolkinderen (6 tot 12 jaar)

  • Het kind doet dingen die de ouder hoort te doen (bijvoorbeeld het huishouden, zorgen voor broertjes en zusjes).
  • Bang zijn om alleen gelaten te worden.
  • Zich schuldig voelen (bijvoorbeeld: ‘Het komt door mij dat papa/mama ziek is, ik ben niet lief geweest, ik moet beter m'n best doen’).
  • Schaamte: het kind ontdekt dat het thuis anders is dan bij andere kinderen en schaamt zich voor zijn ouder(s).
  • Eenzaam zijn, geen vriendjes mee naar huis durven nemen.
  • Weinig vertrouwen hebben in anderen en zichzelf.
  • Leerproblemen op school.
  • Niet kunnen omgaan met emoties (bijvoorbeeld: snel boos worden, huilen of ruzie maken).
  • Steeds aanpassen aan wat de ouder graag wil (of anderen). Of juist net doen of het ze niks kan schelen.
  • Vaak hoofdpijn, buikpijn, misselijkheid, slaapproblemen, eetproblemen.
Wat merk ik? (12-18 jaar)

Hoe merk ik dat een jongere (12-18 jaar) problemen heeft?

In de pubertijd gaan jongeren zich losmaken van hun ouders en hun eigen leven opbouwen. Dat kan lastig zijn als je vader of moeder psychische problemen heeft of een verslaving. Jongeren zullen niet altijd vertellen dat ze daardoor problemen hebben, maar er zijn wel dingen waaraan je het kunt merken. Ze zullen misschien:

  • Zich heel verantwoordelijk voelen voor de ouder en/of broers en zussen (de jongere controleert bijvoorbeeld of zijn ouder op tijd naar afspraken gaat of medicijnen neemt).
  • Alleen willen zijn, niet over problemen willen praten, anderen niet vertrouwen.
  • Van huis weglopen.
  • Zichzelf niet goed genoeg vinden, somber zijn.
  • Gedragsproblemen hebben, niet met emoties kunnen omgaan (bijvoorbeeld: snel boos worden, huilen of ruzie maken).
  • Veel roken, drank of drugs gebruiken.
  • Veel gamen.
  • Problemen hebben met (liefdes)relaties.
  • Niet gaan ‘puberen’ (bijvoorbeeld niet gaan stappen, maar thuisblijven voor hun ouder).
  • De signalen die hierboven staan voor schoolkinderen kunnen ook bij deze jongeren nog voorkomen.
Adviezen

Wat kan ik doen voor een kind van iemand met psychische klachten of een verslaving?

U kunt niet zomaar alle problemen oplossen voor een kind met een ouder die psychische problemen of een verslaving heeft. Wel kunt u het kind helpen om met de situatie om te gaan.

  • Let op signalen dat het bij het kind thuis niet goed gaat.
  • Kijk niet alleen naar het probleem van de ouders, maar vraag ook het kind zelf wat het nodig heeft.
  • Vertel het kind welke ziekte of probleem zijn ouder heeft en wat dat betekent. Doe dit op een manier die past bij de leeftijd van het kind.
  • Help het kind met het zorgen voor de ouder of met het regelen van zorg.
  • Helpen is niet hetzelfde als het kind helemaal erbuiten laten. Het kind kent zijn ouder goed: neem zijn mening serieus.
  • Behandel het kind niet als een ‘probleemkind’. Het is een gewoon kind, maar in een moeilijke situatie.
  • Kijk niet alleen naar de problemen, maar vertel het kind ook wat er wél goed gaat.
  • Zoek uit of het kind vrienden of familieleden heeft waar het bij terecht kan.
Hulp regelen

Hulp regelen voor een kind van iemand met psychische klachten of een verslaving

Wilt u hulp regelen voor een kind van iemand met psychische klachten of een verslaving? Dit zijn plekken waar u (of de jongere zelf) terecht kan:

De huisarts
Bel de huisarts van het gezin. Of adviseer de jongere als die oud genoeg is, om zelf naar de huisarts te gaan.

Veilig Thuis
Als u denkt dat het in het gezin niet veilig is voor het kind, kunt u Veilig Thuis bellen. Deze organisatie helpt iedereen die te maken heeft met huiselijk geweld. Dat kan betekenen dat een kind geslagen wordt, maar ook dat de ouders door hun eigen problemen hun kind niet genoeg zorg en aandacht kunnen geven. Veilig Thuis kijkt samen met jou of er iets is wat jij zelf kunt doen, of dat het beter is om andere hulp te regelen.
Kijk op veiligthuis.nl of bel: 0800-2000.

De gemeente
Als kinderen voor hun ouder moeten zorgen, kunnen ze daar hulp bij krijgen. De gemeente regelt dit. Kijk op Informatielangdurigezorg.nl/regelhulp. Daar staat waar u terecht kunt. Dit kan bijvoorbeeld een welzijnsorganisatie in de gemeente zijn, of een (sociaal) wijkteam.

Online hulp

  • Kopstoring.nl: voor jongeren (13-25 jaar) waarvan de ouder(s) psychische problemen hebben of een verslaving.
  • Mantelzorg.nl, persoonlijk advies voor (jonge) mantelzorgers via chat of telefoon: 030-760 60 55.
Professionele hulp

Professionele hulp voor kinderen van iemand met psychische klachten of een verslaving

Soms is hulp van naasten niet genoeg om een kind van iemand met psychische problemen of een verslaving te helpen. De huisarts kan dan verwijzen naar een deskundige die verder kan helpen. Dit kan bijvoorbeeld zijn:

  • Een jeugdhulpverlener
  • de poh-ggz (in de huisartsenpraktijk)
  • een psycholoog of psychotherapeut
  • iemand van verslavingszorg
  • de casemanager

De hulpverlener kan helpen met bijvoorbeeld gesprekken, een online cursus, gezinstherapie of een praatgroep.

Hulp zoeken is niet alleen goed als er al problemen zijn. Het kan ook helpen om te voorkomen dat kinderen problemen krijgen, door de moeilijke situatie waarin ze opgroeien.

Wanneer bellen?

Wanneer direct hulp regelen voor iemand met psychische klachten?

Soms is het nodig om direct hulp in te schakelen voor iemand met psychische klachten.

Bel direct de huisartsenpost of de huisarts van uw naaste:

  • als uw naaste zichzelf in gevaar brengt. Bijvoorbeeld als hij/zij zichzelf erg verwaarloost of beschadigt.
  • als uw naaste anderen in gevaar brengt. Bijvoorbeeld als hij/zij de kinderen verwaarloost of agressief is tegen anderen.

Bel ook gerust als u zich veel zorgen maakt. Leg uit waarom u belt, dat u zich zorgen maakt, vooral als uw naaste hiervoor geen duidelijke toestemming heeft gegeven.

  • Bel het Centrum Seksueel Geweld (CSG): 0800-0188 als uw naaste het slachtoffer is geweest van seksueel geweld.
Meer informatie

Meer informatie over omgaan met psychische klachten of verslaving van ouders

Telefoon:

  • MIND Korrelatie: 0900 1450
  • de Luisterlijn: 0900 0767

Internet:

We hebben deze informatie gemaakt met de richtlijn voor zorgprofessionals over de zorg voor ouders met psychische en/of verslavingsproblemen en hun kinderen.

Laatst herzien op
GGZ

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u een tip hoe wij Thuisarts.nl kunnen verbeteren?