Mijn bloedsuiker is te laag (bij diabetes type 2)

In het kort

In het kort

  • Bij diabetes type 2 kan uw bloedsuiker (glucose) te hoog of te laag zijn. 
  • Bij een te hoge bloedsuiker moet u veel water drinken en uw huisarts bellen. 
  • Bij een te lage bloedsuiker moet u suiker innemen (bijvoorbeeld frisdrank of tabletten druivensuiker), en direct uw huisarts bellen. 
Beschrijving

Wat is een normale bloedsuiker?

Bij de behandeling van diabetes streven we ernaar dat uw bloedsuiker (het glucosegehalte van uw bloed) normaal blijft.

  • Normaal is uw bloedsuiker (glucose) ’s ochtends voordat u iets gegeten of gedronken heeft tussen de 4,5 en 8 mmol/l. We noemen dat de nuchtere bloedsuiker.
  • Na de maaltijd gaat uw bloedsuiker omhoog. Twee uur na het eten zit uw bloedsuiker normaal toch nog onder de 9 mmol/l.

Wanneer is de bloedsuiker te hoog of te laag? 

Bij de behandeling van diabetes mellitus wordt geprobeerd de glucose in uw bloed zoveel mogelijk tussen de 4,5 en 9 mmol/l te houden. Dat lukt niet bij iedereen.
Bij sommige mensen met diabetes kan de bloedsuiker na de maaltijd gemakkelijk boven de 9 mmol/l komen. Als de bloedsuiker bijvoorbeeld 12 of 15 is, dan is dat te hoog maar geeft het geen directe problemen. Er zijn zelfs mensen met een glucose van 20 die dat niet merken. Maar het is wel een reden om uw behandeling aan te passen.  

Bij een lage glucose ligt dat anders. Vooral bij mensen die insuline gebruiken kan de bloedsuiker soms opeens te laag zijn. Dan dreigt er sneller gevaar. Als de glucose onder de 3,5 mmol/l is moet u al extra opletten.

Er is dus een belangrijk verschil: Als de bloedsuiker drie punten omhoog gaat (bijvoorbeeld van 9 naar 12) geeft dat geen gevaar. Maar drie punten omlaag (bijvoorbeeld van 4,5 naar 1,5) is levensgevaarlijk.

  • Uw bloedsuiker (glucose) is te laag als deze onder de 3.5 mmol/l zit.
    Een te lage glucose noemen we hypoglykemie.
  • Uw bloedsuiker (glucose) is te hoog als deze boven de 9 mmol/l komt.  
    Een te hoge glucose noemen we hyperglykemie.

insuline

Insuline is een injectiemiddel voor mensen met diabetes die zelf geen of onvoldoende insuline aanmaken.

Er zijn verschillende soorten insuline verkrijgbaar: kortwerkend, middellangwerkend, langwerkend en combinaties hiervan.

Artsen schrijven het voor bij diabetes mellitus.

Bron: Apotheek.nl
Verschijnselen

Wat zijn de verschijnselen van een te lage bloedsuiker?

Een te lage bloedsuiker (glucose) kan klachten geven zoals:

  • honger
  • zweten
  • hartkloppingen
  • gapen
  • duizeligheid
  • verwardheid
  • beven
  • rusteloosheid
  • tintelingen in handen, voeten of lippen
  • wazig of dubbelzien
  • hoofdpijn
  • een wisselend humeur

Tekenen van een ernstig verlaagde bloedsuiker zijn

  • sufheid, bewustzijnsverlies en uiteindelijk coma. Deze verschijnselen komen vrijwel alleen voor bij diabetespatiënten die te veel insuline spuiten.

insuline

Insuline is een injectiemiddel voor mensen met diabetes die zelf geen of onvoldoende insuline aanmaken.

Er zijn verschillende soorten insuline verkrijgbaar: kortwerkend, middellangwerkend, langwerkend en combinaties hiervan.

Artsen schrijven het voor bij diabetes mellitus.

Bron: Apotheek.nl
Oorzaken

Hoe ontstaat een te lage bloedsuiker bij diabetes type 2?

Oorzaken van een te lage bloedsuiker bij diabetes type 2 zijn:

  • Niet genoeg of te laat eten.
  • Meer lichamelijke inspanning dan normaal.
  • Te veel tabletten of te veel insuline (een ernstig verlaagde bloedsuiker wordt bijna altijd door insuline veroorzaakt en zelden door tabletten).
  • Niet op de juiste tijd innemen van de medicijnen.
  • Te veel alcohol.

Tijdens vasten (ramadan) komt ontregeling van de bloedsuiker vaker voor.

insuline

Insuline is een injectiemiddel voor mensen met diabetes die zelf geen of onvoldoende insuline aanmaken.

Er zijn verschillende soorten insuline verkrijgbaar: kortwerkend, middellangwerkend, langwerkend en combinaties hiervan.

Artsen schrijven het voor bij diabetes mellitus.

Bron: Apotheek.nl
Zelf ingrijpen

Wat kan ik zelf doen bij een te lage bloedsuiker?

Als u merkt dat uw bloedsuiker te laag is (hypoglykemie), doet u het volgende:

  • Neem een groot glas suikerhoudende frisdrank of een volle lepel suiker opgelost in water. Zo wordt de suiker snel in uw bloed opgenomen.
  • Of neem een paar tabletjes druivensuiker (±4 tabletjes).
  • Stel bij twijfel het innemen van suiker niet uit. U kunt beter een iets te hoge bloedsuiker hebben dan een veel te lage bloedsuiker.
  • Eet daarna ook nog extra koolhydraten, bijvoorbeeld een boterham.
Hulp bij hypo

Wat kunnen anderen doen als uw bloedsuiker te laag is?

Het is belangrijk dat uw huisgenoten, collega's en vrienden weten dat u diabetes mellitus heeft en wat ze moeten doen als uw bloedsuiker erg laag is. Bij ernstige hypoglykemie (heel lage bloedsuiker) bent u misschien niet meer in staat om iets te drinken.

In dat geval moet iemand direct de huisarts of de huisartsenpost bellen. Verder moet iemand direct een beetje honing of stroop op de binnenkant van uw wangen smeren. Zo neemt u alvast een beetje suiker in het bloed op.

Het is verstandig een ketting, armbandje of kaartje bij u te dragen waarop staat dat u diabetes heeft.

Hypoglykemie voorkómen

Hoe kan ik een te lage bloedsuiker voorkómen?

U kunt hypoglykemie als volgt voorkomen:

  • Eet op regelmatige tijden.
  • Als u weet dat u zich lichamelijk meer dan normaal gaat inspannen, eet dan een half uur van te voren iets extra's, bijvoorbeeld een boterham.
  • Gebruik de juiste hoeveelheid medicijnen en neem ze op tijd.
  • Zorg ervoor dat u altijd druivensuiker of suikerklontjes bij u heeft.
Wanneer contact?

Wanneer contact opnemen bij een te lage bloedsuiker bij diabetes type 2?

Overleg dezelfde dag met uw huisarts, diabetesverpleegkundige of de huisartsenpost:

  • als uw bloedsuiker onder de 3,5 mmol/l zakt, ondanks dat u iets zoets heeft ingenomen (druivensuiker, limonadesiroop) of heeft gegeten;
  • als u een ontsteking of infectie heeft;
  • bij ziekten met koorts, braken of diarree.

Bel direct de huisarts, huisartsenpost of zeg dat iemand anders snel moet bellen:

  • als u merkt dat u suf wordt;
  • als u moeilijk ademhaalt;
  • als u verward raakt;
  • als u gaat beven, zweten of gapen en suiker niet helpt;
  • als u rusteloos wordt en suiker niet helpt;
  • als u hoofdpijn krijgt, wazig en/of dubbel gaat zien en suiker niet helpt.
Meer informatie

Meer informatie over diabetes type 2

Voor meer informatie over diabetes type 2 kunt u terecht bij:

Advies over een gezonde leefstijl op maat vindt u op persoonlijkegezondheidscheck.nl.

Voor informatie over hulpmiddelen kunt u terecht op de Hulpmiddelenwijzer.

De informatie over diabetes is gebaseerd op de wetenschappelijke richtlijn voor huisartsen, de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2.

Laatst herzien op

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.