In het kort

  • Je hebt met je huisarts of praktijkondersteuner afgesproken dat je jezelf regelmatig gaat wegen.
  • Gebruik elke keer dezelfde weegschaal.
  • Weeg jezelf elke keer op dezelfde tijd.
  • Schrijf je gewicht elke keer op. Dat kan in het dagboek gewicht bijhouden. 
  • Neem het dagboek mee bij de volgende afspraak met je huisarts of praktijkondersteuner.

Afgesproken met je huisarts dat je je gaat wegen

Je huisarts heeft met je besproken dat je jezelf gaat wegen.

Dat kan je huisarts vragen bij hele verschillende problemen. Bijvoorbeeld:

  • Je hebt hartfalen.
    Hierbij kan er te veel vocht in je lichaam blijven. Daardoor word je zwaarder.
  • Je hebt een ziekte waarbij je kunt afvallen, bijvoorbeeld COPD.
    Het is belangrijk om te weten of je niet te veel afvalt.
  • Je bent te zwaar en je wilt gezonder gaan leven.

Hoe weeg je je op een goede manier?

Zo kun je je het beste wegen:

De weegschaal

  • Weeg jezelf altijd op dezelfde weegschaal.
    Er zijn weegschalen die met een wijzer je gewicht laten zien en digitale weegschalen. Welke je gebruikt, maakt niet uit. Maar de ene weegschaal kan wel een kilo meer of minder meten dan de andere. Gebruik daarom altijd dezelfde weegschaal.
  • Gebruik je een weegschaal met een wijzer? Zet die eerst op 0. Dat kan met een wieltje. Dat wieltje zit meestal in de buurt van de wijzer of juist aan de andere kant.
  • Zet de weegschaal op een harde vloer, zoals tegels of hout. Niet op vloerbedekking.

Zo weeg je je

  • Weeg jezelf altijd op dezelfde tijd.
    Bijvoorbeeld 's ochtends als je net uit bed bent.
  • Zorg dat je bij elke meting evenveel kleren aan hebt.
    Dus altijd alleen ondergoed.
    Of altijd met je gewone kleren aan. Maar wel zonder schoenen en met lege zakken.
  • Ga midden op de weegschaal staan. Wacht dan even tot de wijzer stilstaat of de meter niet meer verandert.

Hoe vaak moet je je wegen?

Je spreekt met je huisarts of praktijkondersteuner af hoe vaak je jezelf weegt.

  • Heb je hartfalen? Dan weeg je je meestal 2 of 3 keer per week.
    Zo kun je goed kijken of er niet te veel vocht in je lichaam blijft.
  • Heb je een ziekte waarbij je kunt afvallen? Weeg je dan 1 keer per week.
  • Wil je gezonder leven en daarbij afvallen? Weeg je dan 1 keer per 1 of 2 weken.
    Vaker wegen is niet nodig. Afvallen gaat niet snel. Het duurt wel 1 of 2 weken voor je kunt zien of je bent afgevallen.

Schrijf je gewicht op in het dagboek gewicht

Schrijf je gewicht op in het Dagboek gewicht bijhouden. Download het hieronder.

Je huisarts of praktijkondersteuner heeft gezegd hoe vaak je je weegt. En wanneer je je metingen doorgeeft aan je huisarts. Doe dat het liefst digitaal via de veilige patiënten-website of app waar jouw medische gegevens in staan.

Je mag je natuurlijk vaker wegen. Die metingen hoef je dan niet op te schrijven in het dagboek en niet door te geven.

Neem je gewicht-dagboek ook mee naar de afspraak met je huisarts of de praktijkondersteuner.

Wanneer bellen als je je regelmatig weegt?

Bel je huisarts voor een afspraak bij 1 van deze dingen:

Je wordt zwaarder bij hartfalen

Weeg je jezelf omdat je hartfalen hebt?
Bel dan als je meer gaat wegen. Bijvoorbeeld 2 kilo in 3 dagen.

Je valt te veel af

Weeg je jezelf omdat je een ziekte hebt waarbij je kunt afvallen? Of val je af en je weet niet waarom?
Bel dan als je minder gaat wegen. Bijvoorbeeld 2 of 3 kilo in een paar weken.

Over deze tekst

NHG
Deze informatie is goedgekeurd door artsen.
Laatst gewijzigd: 4 sep 2026