Ik heb last van voedselovergevoeligheid

In het kort

In het kort

  • Bij voedselovergevoeligheid verdraagt u bepaalde voedingsmiddelen niet die veel anderen wel verdragen. 
  • U krijgt last van uw darmen, huid of luchtwegen.
  • Er zijn verschillende oorzaken voor voedselovergevoeligheid.
  • Krijgt u overgevoeligheidsklachten na een maaltijd, schrijf dan op wat u heeft gegeten.
  • Voedselovergevoeligheid door een allergie kan vanzelf over gaan.  
Beschrijving

Wat is voedselovergevoeligheid?

We spreken van voedselovergevoeligheid als u bepaalde voedingsmiddelen niet verdraagt die de meeste andere mensen wel verdragen. Als u deze voedingsmiddelen eet, krijgt u last van uw darmen, huid of luchtwegen. Door deze voedingsmiddelen weg te laten verdwijnen de klachten. Als u ze opnieuw inneemt komen de klachten terug.

Verschijnselen

Wat zijn de verschijnselen van voedselovergevoeligheid?

Elke keer dat u het voedingsmiddel eet waar u gevoelig voor bent, krijgt u dezelfde klachten, bijvoorbeeld:

  • Mond/keel/neus: jeuk, branderig gevoel, roodheid, zwelling, loopneus.
  • Maag/darmen: braken, buikpijn, buikkrampen, diarree.
  • Huid: vlekjes, jeuk, roodheid, zwelling, eczeem.
  • Luchtwegen: hoesten, slijm, benauwdheid en piepend ademen.
  • Hart/vaten: hartkloppingen, duizeligheid en flauwvallen.

Als u een van deze klachten heeft, betekent dat niet meteen dat u overgevoelig bent voor bepaalde voeding. Vaak hebben deze klachten een andere oorzaak.

Iemand met een voedselallergie krijgt meestal ten minste twee verschillende klachten (bijvoorbeeld klachten van de huid én de darmen, of van de huid én de luchtwegen).

Oorzaken

Waardoor komt voedselovergevoeligheid?

Voedselovergevoeligheid kan verschillende oorzaken hebben.

Allergie

Voedselovergevoeligheid kan ontstaan door een allergie, maar dit komt minder vaak voor dan de meeste mensen denken. Van de 100 mensen zijn er 4 allergisch voor een bepaald voedingsmiddel. De kans op voedselallergie is iets groter in families met allergische aandoeningen zoals hooikoorts, eczeem en astma. 

Bij een voedselallergie roepen bepaalde voedingsmiddelen een afweerreactie van het lichaam op:

  • Meestal gaat het om een allergie voor koemelk, ei, vis, schaal- of schelpdieren, noten, pinda(kaas), soja, sesamzaad of tarwe.
  • Een allergie voor gluten noemen we coeliakie. Gluten zitten in granen (tarwe, rogge, gerst, spelt, kamut) en graanproducten zoals brood of pasta. Dit kan darmklachten, diarree en gewichtsverlies geven.
  • Sommige mensen krijgen na het eten van bijvoorbeeld een appel of pruim, een branderig jeukend gevoel rond de mond. Soms met wat roodheid en zwelling. Dit kan voorkomen bij mensen met een allergie voor pollen (hooikoorts). De klachten verdwijnen vanzelf en worden niet erger.

    Darmafwijking

    Voedselovergevoeligheid kan ontstaan doordat er in de darm te weinig van een stof aanwezig is. Er is bijvoorbeeld te weinig lactase, een stof die nodig is om melk te verteren. Mensen die weinig lactase hebben krijgen vaak diarree of last van winderigheid als ze grotere hoeveelheden melk drinken. Kleine hoeveelheden melk of grotere hoeveelheden ‘bewerkte’ melk (zoals karnemelk, kaas en yoghurt) geven meestal geen klachten.

    Medicijnen

    Overgevoeligheidsklachten kunnen ook ontstaan als u bepaalde medicijnen gebruikt die niet goed met de voeding samengaan.

      Andere oorzaak

      Vaak hebben de klachten een andere oorzaak. Jeuk, buikpijn, benauwdheid of hartkloppingen kunnen bijvoorbeeld ook door stress en spanningen worden veroorzaakt. De voeding speelt dan geen rol.

      Sommige mensen denken dat kleurstoffen of suikers in de voeding overgevoeligheid en druk gedrag veroorzaken. Maar dat is niet bewezen.

      Adviezen

      Wat kunt u zelf doen bij voedselovergevoeligheid?

      Krijgt u voor het eerst overgevoeligheidsklachten na een maaltijd, schrijf dan op wat u heeft gegeten. Komen dezelfde klachten op een ander moment terug, kijk dan of er overeenkomsten zijn tussen beide maaltijden.

      Als de klachten regelmatig terugkomen zonder dat duidelijk is op welk voedingsmiddel u reageert, dan is een voedselovergevoeligheid onwaarschijnlijk. Dan kijken we of er een andere oorzaak is voor de klachten.

      Als u twijfelt of denkt te weten waar u overgevoelig voor bent, dan kan uw huisarts voorstellen om een of twee weken een voedingsdagboek bij te houden. Hierin schrijft u dagelijks op wat u allemaal eet en drinkt en wanneer u klachten heeft. Dan kunt u beter zien of de klachten (alleen) bij een bepaald voedingsmiddel optreden.

        Een lichamelijk onderzoek of een bloedtest kan geen betrouwbaar bewijs geven voor een voedselovergevoeligheid. Eventueel wordt u verwezen naar het ziekenhuis voor verder onderzoek. Bijvoorbeeld om zeker te weten of u ernstig allergisch bent voor een bepaald voedingsmiddel. Ook om te voorkomen dat u een dieet gaat volgen zonder dat dit nodig is.

         Als in het ziekenhuis is aangetoond dat u allergisch bent voor een bepaald voedingsmiddel, dan moet u dit voedingsmiddel voortaan vermijden.

        Een reactie rond de mond na eten van pit- of steenvruchten is herkenbaar. Dit hoeft niet te worden onderzocht. Vermijden van de vrucht is niet nodig. De klachten gaan vanzelf over.

        ORS

        ORS is een oplossing van zouten en (druiven)suiker in water.

        Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken.

        Bron: Apotheek.nl
        Medicijnen

        Medicijnen bij voedselovergevoeligheid

        Medicijnen kunnen de voedselovergevoeligheid niet genezen. Maar medicijnen kunnen wel helpen om klachten als jeuk en benauwdheid tijdelijk te verminderen.

        • Antihistaminica helpen tegen de jeuk en rode vlekjes. 
        • Luchtwegverwijders helpen tegen de benauwdheid. 

        Bel de praktijk of huisartsenpost bij ernstige overgevoeligheidsklachten: toenemende benauwdheid, hartkloppingen, duizeligheid). Dan kan behandeling met corticosteroïden (prednison ) nodig zijn. 

        Bij een heftige allergische reactie is snelle behandeling nodig. Als u een levensbedreigende allergie heeft, schrijft de huisarts u daarom 2 adrenalinepennen (epipen) voor. Die moet u altijd bij u dragen voor het geval u ernstige klachten krijgt en hulpdiensten niet snel bij u kunnen zijn. U krijgt 2 pennen: als de ene niet genoeg helpt, moet u de andere ook gebruiken. Een heftige ernstige allergische reactie heet anafylaxie. Bel na gebruik van de pennen direct uw huisarts of 112. 

        Uw huisarts legt precies uit wanneer en hoe u de pennen moet gebruiken. 
        Controleer elk jaar of de adrenalinepennen nog houdbaar zijn.  

          prednison

          Prednison is een bijnierschorshormoon, ook wel corticosteroïd genoemd.
          Bijnierschorshormonen remmen ontstekingen en overgevoeligheidsreacties. Ze zijn ook nodig om energie, mineralen en zouten vrij te maken en op te slaan.

          Artsen schrijven prednison voor bij:

          • Aandoeningen met ernstige ontstekingen. Bijvoorbeeld luchtwegontstekingen (zoals astma, COPD en sarcoïdose) , reumatische aandoeningen (zoals reuma, polymyalgie en jichtaanvallen), darmziekten (namelijk colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn), het syndroom van Sjögren, bepaalde oogontstekingen, clusterhoofdpijn, lupus erythematodes (LE), ernstige huidontstekingen (zoals bij lepra), bepaalde bloedziekten (zoals de bloedstollingsziekte ITP), de ziekte van Duchenne (spierziekte), Bellverlamming (een vorm van gezichtsverlamming), bij nierziektes, zoals het nefrotisch syndroom en bij netelroos.
            Bij ontstekingsziekten wordt het op verschillende manieren toegepast: in een hoge dosering gedurende enkele dagen tot weken (stootkuur) en in een lagere dosering gedurende meerdere maanden (langdurige behandeling). Artsen schrijven het meestal voor als stootkuur.
          • Prednison wordt ook gebruikt om afstotingsreacties tegen te gaan na orgaantransplantaties en als onderdeel van een behandeling bij kanker.
          • Ook wordt het gebruikt om een tekort aan lichaamseigen bijnierschorshormonen aan te vullen (zoals bij de bijnierziekten de ziekte van Addison, de ziekte van Cushing en het adrenogenitaal syndroom). Als men het op deze manier gebruikt heet het substitutietherapie.

          Aandoeningen waarbij prednison wordt gebruikt zijn:

          Bron: Apotheek.nl
          Heftige reactie

          Gebruik adrenalinepen bij heftige allergische reactie

          Sommige mensen moeten altijd 2 adrenalinepennen bij zich hebben. Met een adrenalinepen (epipen) prikt u in uw bovenbeenspier (in de buitenkant van de dij). Uw arts zal u een instructie geven hoe u dit moet doen. Ook kunt u dit in de bijsluiter lezen en op apotheek.nl.  

          In sommige gevallen kan 1 injectie niet voldoende zijn. Als de verschijnselen na 5 minuten niet zijn afgenomen, kunt u nog een injectie inspuiten. 

          Het is belangrijk dat u ook uw familie of partner vertelt hoe dit moet, zodat zij weten wat ze moeten doen als u een anafylactische reactie krijgt.

          Hoe gaat het verder?

          Hoe gaat het verder met voedselovergevoeligheid?

          • Bij overgevoeligheid voor melk door een tekort aan lactase kunt u wel kleinere hoeveelheden melk drinken. Of kies melk die bewerkt is.
          • Een branderig gevoel rond de mond na eten van pit- of steenvruchten blijft meestal terugkomen.
          • Sommige allergieën kunnen vanzelf overgaan. 
          • Pinda- en notenallergie blijft bij veel (maar niet alle) mensen levenslang bestaan. 10 tot 20 procent van die mensen groeit er uiteindelijk toch overheen. 
          • Een allergie voor gluten (coeliakie) is altijd levenslang.
          Direct contact

          Wanneer met spoed contact opnemen bij allergie?

          Bel de praktijk of huisartsenpost bij ernstige allergische klachten:

          • toenemende benauwdheid
          • hartkloppingen
          • duizeligheid.

          Dan kan behandeling met corticosteroïden (prednison ) of adrenaline nodig zijn.

          Bij een heftige allergische reactie belt u 112 en gebruikt u eventueel de adrenalinepennen die u altijd bij zich heeft. Eventueel moet u naar het ziekenhuis. 

          prednison

          Prednison is een bijnierschorshormoon, ook wel corticosteroïd genoemd.
          Bijnierschorshormonen remmen ontstekingen en overgevoeligheidsreacties. Ze zijn ook nodig om energie, mineralen en zouten vrij te maken en op te slaan.

          Artsen schrijven prednison voor bij:

          • Aandoeningen met ernstige ontstekingen. Bijvoorbeeld luchtwegontstekingen (zoals astma, COPD en sarcoïdose) , reumatische aandoeningen (zoals reuma, polymyalgie en jichtaanvallen), darmziekten (namelijk colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn), het syndroom van Sjögren, bepaalde oogontstekingen, clusterhoofdpijn, lupus erythematodes (LE), ernstige huidontstekingen (zoals bij lepra), bepaalde bloedziekten (zoals de bloedstollingsziekte ITP), de ziekte van Duchenne (spierziekte), Bellverlamming (een vorm van gezichtsverlamming), bij nierziektes, zoals het nefrotisch syndroom en bij netelroos.
            Bij ontstekingsziekten wordt het op verschillende manieren toegepast: in een hoge dosering gedurende enkele dagen tot weken (stootkuur) en in een lagere dosering gedurende meerdere maanden (langdurige behandeling). Artsen schrijven het meestal voor als stootkuur.
          • Prednison wordt ook gebruikt om afstotingsreacties tegen te gaan na orgaantransplantaties en als onderdeel van een behandeling bij kanker.
          • Ook wordt het gebruikt om een tekort aan lichaamseigen bijnierschorshormonen aan te vullen (zoals bij de bijnierziekten de ziekte van Addison, de ziekte van Cushing en het adrenogenitaal syndroom). Als men het op deze manier gebruikt heet het substitutietherapie.

          Aandoeningen waarbij prednison wordt gebruikt zijn:

          Bron: Apotheek.nl
          Meer informatie

          Meer informatie over voedselovergevoeligheid?

          De informatie over voedselovergevoeligheid is gebaseerd op de wetenschappelijke richtlijn voor huisartsen, de NHG-Standaard Voedselovergevoeligheid

          Laatst herzien op

          Vond u deze informatie nuttig?

          Vond u deze informatie nuttig?
          Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
          Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.