Ik zorg voor iemand die een herseninfarct of hersenbloeding heeft gehad
In het kort
- Door een herseninfarct of hersenbloeding kan je naaste klachten hebben die niet meer weggaan.
- Daardoor verandert er vaak veel. Ook voor jou.
- Maak samen afspraken over hoe je je naaste helpt.
- Zorg goed voor jezelf. Blijf je eigen dingen doen.
- Je kunt hulp krijgen van bijvoorbeeld de huisarts, gemeente of ergotherapeut.
Hoe kan iemand veranderen na een herseninfarct of hersenbloeding?
Door een herseninfarct of hersenbloeding kan je naaste klachten hebben die niet meer weggaan. Bijvoorbeeld 1 of meer van deze dingen:
- Je naaste kan minder goed bewegen, zien of praten.
- Je naaste heeft moeite met nadenken of begrijpen.
- Je naaste is vaak erg moe.
- Je naaste voelt zich anders dan eerst. Bijvoorbeeld verdrietig, somber, bang, onzeker of boos.
- Je naaste gedraagt zich anders. Iemand kan bijvoorbeeld dingen doen zonder erbij na te denken. Of weinig emoties laten zien. Dat verschilt per persoon.
- Je naaste kan niet meer goed tegen prikkels. Een lamp kan bijvoorbeeld feller lijken. Een geluid harder. Of een drukke omgeving heftiger.
Niet iedereen heeft dezelfde klachten. En bij sommige mensen zijn de klachten erger dan bij anderen.
Als je naaste is veranderd na een herseninfarct of hersenbloeding, kan dat erg moeilijk zijn. Ook voor jou. Het kost tijd om hieraan te wennen en hiermee om te leren gaan.
Hoe kun je goed omgaan met iemand die een herseninfarct of hersenbloeding heeft gehad?
Deze tips kunnen helpen om goed om te gaan met je naaste:
- Maak samen afspraken over hoe jij je naaste het beste kunt helpen.
- Neem niet zomaar taken over. Spreek samen af wat je naaste zelf kan doen.
Je kunt dit ook met de huisarts erbij bespreken. Of met de fysiotherapeut. - Zijn er taken waar je naaste boos of gestrest van wordt? Dan is het beter om die even niet te doen.
- Ga samen bewegen en oefenen. Zo kun je je naaste steunen.
- Verbeter je naaste niet waar andere mensen bij zijn.
- Geef complimenten als iets goed gaat.
- Heeft je naaste problemen met denken? Herhaal dan belangrijke dingen of schrijf ze op. Zeg duidelijk wat je verwacht.
- Gedraagt je naaste zich anders? Probeer te bedenken dat dit komt door het herseninfarct of de hersenbloeding. Je naaste kan hier niets aan doen.
- Geef wel op een rustige manier je eigen grenzen aan. Je hoeft niet alles te accepteren.
- Vertel hoe jij je voelt en wat je nodig hebt. Wacht niet totdat je naaste dit zelf merkt of ernaar vraagt.
Op de website van de Hersenstichting vind je meer tips over goed omgaan met je naaste na een beroerte.
Hoe zorg je goed voor jezelf als je zorgt voor iemand na een herseninfarct of hersenbloeding?
Als je langere tijd voor iemand zorgt, ben je een mantelzorger. Om dit vol te kunnen houden, is het belangrijk dat je goed voor jezelf zorgt. Lees bij mantelzorg hoe je dit kunt doen.
De zorg voor je naaste kan te zwaar worden. Je wordt dan bijvoorbeeld snel boos. Of je bent steeds heel moe. Je doet je best, maar merkt dat het steeds minder goed gaat. Kijk voor adviezen bij mantelzorg wordt te zwaar.
Wie kan je helpen als je zorgt voor iemand na een herseninfarct of hersenbloeding?
Hier kun je hulp krijgen voor jezelf en je naaste:
Gemeente
De gemeente kan je helpen om de hulp te krijgen die je nodig hebt. Bijvoorbeeld deze hulp:
- thuiszorg
- hulp in huis
- hulpmiddelen, kijk bij Hulpmiddelenwijzer
- iemand die met je meedenkt over de zorg voor je naaste (cliënt-ondersteuner)
- iemand die de zorg even van jou kan overnemen, zodat je kunt uitrusten
Dit heet vervangende mantelzorg of respijtzorg. Het kan op veel manieren. - informatie en trainingen
- hulp als de kosten door de zorg voor je naaste te hoog worden
Bel het nummer op de website van je gemeente. Vraag bij je gemeente waar je moet zijn voor hulp voor mantelzorgers. Dit kan bijvoorbeeld zijn: het Wmo-loket, Steunpunt mantelzorg of een sociaal wijkteam of buurtteam. Vertel over je situatie, en welke hulp en steun jou zou helpen.
Wijkverpleegkundige of thuiszorg
Met de wijkverpleegkundige of thuiszorg kun je duidelijke afspraken maken: welke zorg doe jij en welke zorg doen zij? Bijvoorbeeld: wie verschoont het bed en wie wast je naaste?
Vertel duidelijk wat je wel of niet kunt doen. En wat je wel of niet wilt doen. Duidelijke afspraken geven rust.
Ergotherapeut
Een ergotherapeut helpt om dingen die je naaste elke dag doet, makkelijker te maken. Denk aan wassen, aankleden of het huishouden. De ergotherapeut geeft uitleg en tips. En kan helpen met hulpmiddelen en dingen aanpassen in huis.
Is je naaste vaak erg moe? Of heeft je naaste moeite met onthouden of nadenken? De ergotherapeut kan jullie helpen om daar goed mee om te gaan.
Fysiotherapeut
Je kunt met je naaste meegaan naar de fysiotherapeut. Daar leer je hoe je thuis kunt helpen bij oefeningen.
Logopedist
Een logopedist is een therapeut voor praten, kauwen en slikken. Heeft je naaste problemen met praten of taal begrijpen? Dan kan een logopedist je leren hoe je het beste met je naaste kunt praten. En hoe je je naaste beter kunt begrijpen.
Heeft je naaste moeite met slikken? De logopedist legt uit waar je op kunt letten als je naaste eet of drinkt. En hoe je eten en drinken kunt aanpassen.
Psycholoog
Voelt je naaste zich somber, verdrietig, bang of boos? Of gedraagt je naaste zich anders dan eerst? Een psycholoog kan jullie helpen om daar goed mee om te gaan.
Zorgen voor iemand na een herseninfarct of hersenbloeding kan zwaar zijn. Je kunt zelf ook hulp krijgen van een praktijkondersteuner bij je huisarts of een psycholoog. Samen kunnen jullie bespreken hoe het met je gaat en wat je nodig hebt.
Hulpmiddelen bij een beroerte
Misschien heeft je naaste hulpmiddelen nodig. Bijvoorbeeld:
- een rollator of rolstoel
- een til-lift
- een bed dat omhoog en omlaag kan
- een po-stoel
De wijkverpleegkundige of ergotherapeut kan hier advies over geven.
Kijk op Hulpmiddelenwijzer.nl welke hulpmiddelen er nog meer zijn. En hoe je ze kunt kopen. Bij je zorgverzekering kun je vragen of zij de hulpmiddelen vergoeden.
Wanneer bellen als je zorgt voor iemand na een herseninfarct of hersenbloeding?
Zorgen voor iemand na een herseninfarct of hersenbloeding kan veel van je vragen. Je kunt je huisarts bellen als je hulp nodig hebt. Of als je vragen hebt. Je kunt ook met je huisarts praten als je het zelf moeilijk hebt.
Soms helpt het om samen met je naaste met de huisarts te praten. Maar misschien heb je het juist nodig om alleen te gaan.
Meer informatie over herseninfarct en hersenbloeding
Op deze websites vind je meer informatie over een herseninfarct of hersenbloeding (beroerte):
- Informatie en adviezen: Hersenstichting
- Informatie en een video met uitleg over een beroerte: Hartstichting
- Bijeenkomsten in de buurt en contact met andere mensen: Hersenletsel.nl
- Hulpmiddelen: Hulpmiddelenwijzer.nl
Over deze tekst
Artsen en tekstschrijvers van Thuisarts hebben deze informatie gemaakt met:
- de richtlijn voor huisartsen over beroerte
- de richtlijn voor artsen over herseninfarct en hersenbloeding
Lees wie de informatie van Thuisarts maakt.
Lees wat een richtlijn is en hoe die wordt gemaakt.
Heeft deze informatie je geholpen?
Laatst gewijzigd: 7 sep 2026