In het kort

  • Je naaste kan of wil niet naar het ziekenhuis met een beroerte. Bijvoorbeeld omdat die voor de beroerte al erg ziek was. Of niet lang meer te leven heeft. 
  • Met de huisarts kijken jullie of je naaste thuis kan blijven. En wat je daarvoor kunt regelen, zoals thuiszorg of hulpmiddelen.
  • Soms kan je naaste behandelingen krijgen om zo fit mogelijk te blijven. 

Wanneer ga je niet naar het ziekenhuis met een beroerte?

Volgens de huisarts heeft je naaste waarschijnlijk een beroerte. De meeste mensen gaan dan naar het ziekenhuis voor onderzoeken en een behandeling. Je naaste kan of wil dat niet. Bijvoorbeeld om 1 van deze redenen:

Soms kiest je naaste er zelf voor om niet naar het ziekenhuis te gaan. Soms beslis jij, als je naaste dat zelf niet meer kan. Dat is een grote beslissing. De huisarts kan hierbij helpen.

Thuisblijven lukt niet altijd, ook al willen jullie dat misschien graag. Je naaste heeft namelijk veel zorg nodig. De huisarts kijkt samen met jullie of je naaste die zorg thuis kan krijgen. Als dit niet lukt, kijken jullie of je naaste naar een andere plek kan. Bijvoorbeeld:

  • een plek waar je kunt wonen met extra hulp (woonzorgcentrum)
  • een verpleeghuis
  • een plek waar je naartoe kunt als je binnenkort gaat overlijden (hospice)

Welke behandelingen zijn er om zo fit mogelijk te blijven?

Welke behandelingen je naaste thuis kan krijgen, hangt af van de situatie.

Kan en wil je naaste nog behandelingen krijgen om zo fit mogelijk te blijven? Dan bespreekt je naaste samen met de huisarts wat er nodig is. Bijvoorbeeld 1 of meer van deze behandelingen:

Medicijnen die de kans op een nieuwe beroerte kleiner maken

Door de beroerte heeft je naaste een grotere kans op een nieuwe beroerte. Er zijn medicijnen die die kans kleiner maken. De huisarts overlegt met de neuroloog welke medicijnen je naaste kan krijgen. Een neuroloog is een arts die veel weet over de hersenen.

Hulp bij eten en drinken

Voordat je naaste iets eet of drinkt, onderzoekt een logopedist of je naaste nog goed kan slikken. Een logopedist is een therapeut voor slikken, kauwen en praten.

Kan je naaste niet goed slikken? Dan vertelt de therapeut wat je naaste veilig kan eten en drinken. Ook kan een diëtist advies geven om genoeg vocht en voedingsstoffen binnen te krijgen.

Meer hulp om zo fit mogelijk te blijven

Soms kan je naaste thuis ook deze hulp krijgen:

  • hulp van een fysiotherapeut bij bewegen
  • hulp van een logopedist bij praten en taal begrijpen
  • hulp van een therapeut die je helpt om dingen zelf te blijven doen (ergotherapeut)
  • hulp van een psycholoog als je naaste zich verdrietig, bang of boos voelt

Wie kan je helpen als je zorgt voor iemand die thuisblijft met een beroerte?

Zorg je langere tijd voor iemand met een beroerte? Dan ben je mantelzorger. Dat kan erg zwaar zijn. Je naaste heeft veel zorg nodig. En je moet vaak veel dingen regelen. Dit hoef je niet alleen te doen. Hier kun je hulp krijgen:

Huisarts

Je kunt altijd als eerste bij de huisarts terecht. De huisarts bespreekt met jullie welke zorg nodig is. Bijvoorbeeld thuiszorg en behandelingen.

Heeft je naaste niet lang meer te leven? Dan kan de huisarts de zorg regelen.

Je kunt ook bellen als je vragen hebt of als het niet goed gaat met je naaste. En de huisarts kan met je meedenken als het te zwaar voor jou wordt.

Gemeente

De gemeente kan je ook helpen om de hulp te krijgen die je nodig hebt. Bijvoorbeeld deze hulp:

  • thuiszorg
  • hulp in huis
  • hulpmiddelen, kijk bij Hulpmiddelenwijzer
  • iemand die met je meedenkt over de zorg voor je naaste (cliënt-ondersteuner)
  • iemand die de zorg even van je kan overnemen, zodat je kunt uitrusten.
    Dit heet vervangende mantelzorg of respijtzorg. Het kan op veel manieren.
  • informatie en trainingen
  • hulp als de kosten door de zorg voor je naaste te hoog worden

Bel het nummer op de website van je gemeente. Vraag bij je gemeente waar je moet zijn voor hulp voor mantelzorgers. Dit kan bijvoorbeeld zijn: het Wmo-loket, Steunpunt mantelzorg of een sociaal wijkteam of buurtteam. Vertel over je situatie en welke hulp en steun jou zou helpen.

Wijkverpleegkundige of thuiszorg

Met de wijkverpleegkundige of thuiszorg kun je duidelijke afspraken maken: welke zorg doe jij en welke zorg doen zij? Bijvoorbeeld: wie verschoont het bed en wie wast je naaste?

Vertel duidelijk wat je wel of niet kunt doen. En wat je wel of niet wilt doen. Duidelijke afspraken geven rust.

Hulpmiddelen bij een beroerte

Misschien heeft je naaste hulpmiddelen nodig. Bijvoorbeeld:

  • een rollator of rolstoel
  • een til-lift
  • een bed dat omhoog en omlaag kan
  • een po-stoel

De wijkverpleegkundige of ergotherapeut kan hier advies over geven.

Kijk op Hulpmiddelenwijzer.nl welke hulpmiddelen er nog meer zijn. En hoe je ze kunt kopen. Bij je zorgverzekering kun je vragen of zij de hulpmiddelen vergoeden.

Hoe zorg je goed voor jezelf als je zorgt voor iemand die thuisblijft met een beroerte?

Zorgen voor iemand met een beroerte vraagt veel van je. Om dit vol te kunnen houden, is het belangrijk dat je goed voor jezelf zorgt. Lees bij mantelzorg hoe je dit kunt doen.

De zorg voor je naaste kan te zwaar worden. Je wordt dan bijvoorbeeld snel boos. Of je bent steeds heel moe. Je doet je best, maar merkt dat het steeds minder goed gaat. Kijk voor adviezen bij mantelzorg wordt te zwaar.

Waar moet je op letten als je zorgt voor iemand die thuisblijft met een beroerte?

Hier kun je op letten als je zorgt voor iemand die thuisblijft met een beroerte:

Eten en drinken

Heeft je naaste moeite met slikken? Dan kan die zich verslikken in eten en drinken. Een therapeut voor slikken (logopedist) legt uit waar je op kunt letten. En hoe je eten en drinken kunt aanpassen.

Vallen

Door een beroerte kan iemand makkelijker vallen. Een ergotherapeut kan jullie advies geven, zodat je naaste minder snel valt. Je kunt bijvoorbeeld losse vloerkleedjes weghalen en zorgen voor goed licht in huis.

Drukplekken

Je naaste kan drukplekken krijgen. Een drukplek is een stukje huid dat kapotgaat als iemand te lang ligt of zit (doorliggen). Bijvoorbeeld als iemand lang op bed ligt. Of in een rolstoel zit.

Dit kan helpen om geen drukplekken te krijgen:

  • Zorg dat je naaste 1 keer in de 2 uur anders gaat zitten. Of 1 keer in de 4 uur draait in bed. Vaker is nog beter.
  • Verzorg de huid van je naaste goed. En controleer de huid elke dag.

Kijk bij zorgen dat je geen drukplek krijgt voor meer adviezen.

Bel de huisarts als je denkt dat je naaste een drukplek heeft. De huisarts kijkt dan welke behandeling nodig is. En bespreekt met je wat jij kunt doen.

Wat kun je verwachten als degene voor wie je zorgt zal overlijden na een beroerte?

Je kunt van de huisarts horen dat je naaste thuis zal overlijden. Dat kan komen door de beroerte. Of doordat je naaste al voor de beroerte erg ziek was.

Afscheid nemen

Het kan erg moeilijk voor je zijn als je weet dat je naaste niet lang meer te leven heeft. Het geeft vaak verdriet en pijn. Maar vaak ook mooie momenten.

Praat met elkaar, als dat nog lukt. Bijvoorbeeld over hoe jullie de tijd samen nog zo fijn mogelijk kunnen maken. En wat jullie belangrijk vinden voor het afscheid. Je kunt dit ook met de huisarts erbij bespreken. Kijk voor meer adviezen bij zorgen voor iemand die niet lang meer te leven heeft.

Misschien wil je weten wat je kunt verwachten als je naaste thuis sterft. Bijvoorbeeld hoe je kunt zien dat je naaste bijna zal overlijden. En hoe je je naaste dan het beste kunt steunen. Lees wat je kunt verwachten en doen als iemand die je goed kent gaat sterven.

Hulp en steun bij klachten

Je naaste kan verschillende klachten hebben. Bijvoorbeeld pijn, slecht slapen, angst, somber zijn of in de war zijn. De huisarts kijkt samen met je naaste wat het beste helpt. Bijvoorbeeld medicijnen of praten over angst, leven en dood. De huisarts kan dit ook met jou bekijken, als je naaste dit zelf niet meer kan.

Kijk bij niet lang meer te leven hebben voor meer informatie.

Hulp en steun voor jou

Iemand die gaat sterven, kan misschien steeds minder zelf. Het kan zijn dat je daarom steeds meer moet doen. Ook kan het verdriet zwaar zijn. Vraag op tijd om hulp bij de huisarts, familie of vrienden.

Hulp van vrijwilligers

Je kunt ook bij VPTZ Nederland vragen of er vrijwilligers kunnen helpen. Deze vrijwilligers zijn er om steun te geven aan mensen die gaan sterven, en hun familie en vrienden.

Wanneer bellen als je zorgt voor iemand die thuisblijft met een beroerte?

Zorgen voor iemand met een beroerte vraagt veel van je. Je kunt de huisarts bellen als je hulp nodig hebt. Of als je vragen hebt. Je kunt ook met je huisarts praten als je het zelf moeilijk hebt.

Soms helpt het om samen met je naaste met de huisarts te praten. Maar misschien heb je het juist nodig om alleen te gaan.

Meer informatie over beroerte

NHG
Deze informatie is goedgekeurd door artsen.
Laatst gewijzigd: 7 sep 2026