Ik heb COPD en wil gezond leven
In het kort
- Door COPD werken je longen minder goed.
- Dit heeft invloed op je leven en op je gezondheid.
- Om je goed te voelen is gezond leven extra belangrijk.
- Bij gezond leven hoort: gezond eten, elke dag genoeg bewegen en stoppen met roken.
- Zo ga je je beter voelen en kun je je dagelijkse dingen beter doen.
- De huisarts of praktijkondersteuner kan je hiermee helpen.
- Een fysiotherapeut of oefentherapeut kan je helpen met gezond bewegen.
Waarom gezond leven?
Door COPD werken je longen minder goed. Hierdoor kun je last krijgen van deze dingen:
- benauwd zijn door de schade in je luchtwegen
- vermoeid of minder fit zijn
- mager worden zonder dat je het wilt
- longaanvallen
Als je hier last van hebt, kunnen dagelijkse dingen moeilijk worden voor je. Je bent misschien snel benauwd, bijvoorbeeld als je de trap op loopt. Door benauwdheid ga je misschien nog minder bewegen. Je bent minder fit en snel moe. Ook als je te mager bent, heb je minder energie.
Je kunt zelf veel doen om je beter te voelen. Stoppen met roken, bewegen en gezond eten zijn daarbij belangrijk. Door gezond te leven krijg je weer meer energie. Bijvoorbeeld om boodschappen te doen of voor hobby’s en contact met andere mensen. Je kunt je beter ontspannen en je slaapt beter.
Je huisarts of de praktijkondersteuner kunnen je hierbij helpen. Zo nodig krijg je ook hulp van andere hulpverleners.
Zo krijg je meer grip op je gezondheid.
Hoe kun je meer bewegen en energie krijgen?
Door meer te bewegen, krijg je meer energie. Je spieren worden sterker en je houdt het bewegen langer vol. Dit kan bijvoorbeeld door te wandelen, te fietsen of te tuinieren.
Zorg dat je in ieder geval 150 minuten per week beweegt. Bijvoorbeeld 5 keer per week 30 minuten. Vaker bewegen is nog beter.
Als je niet gewend bent aan veel beweging, moet je rustig beginnen. Als dat goed lukt, kun je steeds iets meer gaan bewegen. Ben je snel benauwd? Dan kun je voordat je gaat bewegen een medicijn inademen dat je longbuisjes wijder maakt (kortwerkende luchtwegverwijder). Dit kan helpen. Bespreek dit met je huisarts of praktijkondersteuner. Dit kun je ook opschrijven in je zorgplan.
Hoe kun je meer gaan bewegen?
Bijvoorbeeld:
- Begin elke dag met een wandeling van 10 minuten. Bijvoorbeeld naar een winkel in de buurt om een boodschap te doen. Of naar een bekende die in de buurt woont. Als dit goed gaat, probeer dan steeds een paar minuten langer te lopen. Totdat je het een half uur per dag kunt volhouden.
- Je kunt het bewegen ook over de dag verdelen. Doe bijvoorbeeld in de ochtend 10 minuten gymnastiek, ga in de middag 15 minuten wandelen of fietsen en maak aan het einde van de dag nog een wandeling van 5 minuten.
Welke vorm van beweging is het beste voor mij?
- Kies een vorm van bewegen die je leuk vindt. En die goed in je dagelijks leven past. Het maakt niet uit wat je doet, als je maar beweegt. Misschien kun je elke dag de hond van de buren uitlaten. Of zit je het liefst op een hometrainer voor de televisie. Als je maar beweegt.
- Hoeveel je kunt doen, hangt af van hoe erg de COPD is. De een moet veel moeite doen om een keer extra de trap op te lopen. De ander heeft dat met een wandeling naar de brievenbus. Is je COPD niet zo ernstig, dan kun je misschien wat meer doen.
- Zoek iemand die met je wil meedoen. Samen bewegen is leuk en makkelijker vol te houden.
- Bewegen kan ook in een groep onder begeleiding van een fysiotherapeut of oefentherapeut.
Ben je te benauwd om hiermee te beginnen? Kijk dan samen met je huisarts hoe je het beste meer kunt bewegen.
Dan kun je meer energie krijgen op een manier die bij je past.
Angst voor benauwdheid
Benauwd zijn kan een gevoel van angst geven. Dit is soms de reden waarom mensen die COPD hebben niet durven te bewegen.
Als je dit herkent, hoef je je daar niet voor te schamen. Je bent niet de enige. Bespreek dit met je huisarts, want je kunt hier iets aan doen. Bewegen met een fysiotherapeut kan een goede oplossing zijn. De fysiotherapeut is er steeds bij en let op jou tijdens het bewegen. Als je weer wat meer vertrouwen hebt, kun je weer op eigen kracht aan je energie werken.
Wat is een gezond gewicht bij COPD?
Een gezond lichaamsgewicht is heel belangrijk bij COPD. Dit betekent dat je lichaam niet te zwaar is, maar ook niet te mager is of snel mager wordt.
Wat een gezond gewicht is, is voor iedereen anders. Voor sommige mensen met COPD is het belangrijk om wat zwaarder te worden. Voor anderen is het juist beter om wat minder zwaar te worden. Of om het gewicht hetzelfde te houden.
Mensen met erge COPD hebben soms een ander gewicht nodig dan mensen met minder erge COPD. Je huisarts bekijkt met je wat voor jou het beste is.
Hoe weet je of je een gezond gewicht heeft?
Je kunt dit op 2 manieren te weten komen:
- Je kunt je BMI (Body Mass Index) berekenen. Dit getal geeft aan of je gewicht past bij je lengte. Ga hiervoor naar de BMI-meter en vul je gewicht en lengte in. Dan wordt de BMI voor je berekend. Ook in de huisartsenpraktijk kan je BMI worden berekend.
Een BMI van meer dan 30 betekent dat je te zwaar bent (overgewicht).
Een BMI van minder dan 21 betekent dat je te mager bent (ondergewicht).
Let op: deze BMI-getallen gelden voor mensen met COPD.
Voor mensen zonder COPD gelden andere BMI-getallen. - Je kunt ook rondom je buik meten (je buikomvang). Dit geeft aan hoeveel lichaamsvet je ongeveer hebt. Leg hiervoor een meetlint om je middel.
Vrouwen hebben overgewicht als hun buikomvang groter is dan 80 cm.
Mannen hebben overgewicht als hun buikomvang groter is dan 94 cm.
Overgewicht
Als je overgewicht hebt, is je lichaam te zwaar en heb je meestal te veel lichaamsvet. Hierdoor kun je meer last hebben van COPD. Ook mensen die stoppen met roken, worden vaak een beetje zwaarder.
Een BMI boven de 30 betekent dat je overgewicht hebt. Maar ook als je een normaal gewicht hebt, maar snel zwaarder bent geworden, kun je overgewicht krijgen. Bijvoorbeeld als je in 1 maand meer dan 5 procent van je gewicht zwaarder geworden bent. Dit kan ook een reden zijn om naar een diëtist te gaan. Je huisarts of diëtist bespreken met je wat in jouw situatie een gezond gewicht is.
Deze dingen zijn belangrijk voor een gezond gewicht:
- Gezond eten
- Gezond bewegen
- Stress en andere problemen in je leven aanpakken
Ondergewicht
Sommige mensen met COPD hebben te weinig lichaamsgewicht. Bij COPD kan de manier waarop je lichaam energie maakt anders worden. Hierdoor verlies je gewicht. Ook het gewicht van je spieren kan minder worden. Hierdoor kun je steeds minder en voel je je minder goed.
Een BMI onder de 21 betekent dat je ondergewicht hebt. Maar ook als je een normaal gewicht of overgewicht hebt, maar te snel gewicht verliest, kun je ondergewicht krijgen. Bijvoorbeeld als je in 1 maand meer dan 5 procent van je gewicht verliest. Of als je in een halfjaar meer dan 10 procent van je gewicht verliest. Op de praktijk meten ze je gewicht en vertellen ze je of dat zo is.
Je huisarts kan je extra hulp bieden om een gezond gewicht te krijgen. Vaak is dit met hulp van een diëtiste en een fysiotherapeut of een leefstijlcoach. Als je ondergewicht bij COPD hebt, stuurt de huisarts je vaak ook door naar de longarts.
Wat kun je doen om je goed te voelen?
Bij COPD kun je last hebben van psychische klachten. Hierdoor kun je je minder goed voelen. En meer last hebben van je COPD-klachten.
Misschien heb je 1 of meer van deze gevoelens of gedachten:
- Je bent bang voor benauwdheid.
- Je schaamt je voor je klachten van COPD.
- Je voelt je alleen.
- Het lukt niet meer om seks te hebben.
- Je bent bang of somber over de toekomst.
Deze gedachten kunnen ervoor zorgen dat je meer last hebt van COPD. Bijvoorbeeld: als je angstig bent, heb je het sneller benauwd. Of durf je niet meer naar buiten of bij anderen op bezoek te gaan. Of ervaar je spanning in je relatie.
Angst en somberheid geven ook meer kans op een ziekenhuisopname als je een longaanval hebt.
Je kunt deze dingen gerust bespreken met je praktijkondersteuner of je huisarts. Samen kun je naar een oplossing zoeken. Of naar een manier om met deze dingen om te gaan.
Hoe zorg je dat je longen goed blijven werken?
Bij alle mensen gaan de longen iets slechter werken als ze ouder worden.
Bij mensen die roken, gaan de longen veel sneller slechter werken. Dit komt doordat de rookdeeltjes schade maken in de longen.
Als je rookt en COPD hebt, is het daarom belangrijk dat je stopt met roken.
Zo voorkom je dat er extra schade in de longen komt. Je longen worden minder snel slechter.
Hoe voorkom je een longaanval?
Je kunt veel last hebben van een longaanval. Je hebt dan last van meer hoesten, meer slijm en meer benauwdheid. Ook kan een longaanval meer schade maken in de longen.
Deze dingen kunnen je helpen om minder longaanvallen te hebben:
- stoppen met roken
- zo weinig mogelijk prikkelende lucht inademen, zoals rook of fijnstof
- genoeg bewegen
- elk jaar een prik tegen de griep
- een prik tegen pneumokokken
Sommige leeftijdsgroepen krijgen voor deze prik een uitnodiging van hun huisarts. - je medicijnen voor COPD goed gebruiken
- snel de klachten van een longaanval herkennen
De afspraken in je zorgplan kunnen je hierbij helpen.
Hoe verder met gezond leven bij COPD?
Heb je een zorgplan gemaakt met je huisarts of praktijkondersteuner? Dan kun je dit gebruiken om gezond te leven. In het zorgplan kun je je eigen doelen opschrijven.
Bijvoorbeeld hoe vaak je wilt bewegen of hoeveel je wilt wegen. En bij welke klachten je moet opletten, omdat je een longaanval kunt krijgen.
Klopt het zorgplan niet meer? Of wil je iets anders doen? Bespreek dit met je huisarts of praktijkondersteuner.
Wanneer moet je de huisarts bellen?
Maak een afspraak met je huisarts als 1 of meer van deze dingen voor jou kloppen:
- Je rookt en wilt hier graag mee stoppen.
- Je wilt hulp om gezonder te gaan leven.
- Je voelt je somber of bang en je wilt daar hulp bij.
Meer informatie over gezond leven en COPD
Meer informatie en handige tips over gezond leven bij COPD vind je bij het Longfonds.
Deze informatie hebben we gemaakt met:
- de richtlijn voor huisartsen, de NHG-Standaard COPD