Ik ga medicijnen gebruiken om mijn risico op hart- en vaatziekten te verlagen

In het kort

In het kort

  • Medicijnen kunnen helpen om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen.
  • Gezond leven blijft belangrijk, ook als u medicijnen gebruikt.
  • Medicijnen die kunnen helpen zijn:
    • medicijnen die uw bloeddruk verlagen
    • medicijnen die uw cholesterol verlagen
    • bloedverdunnende medicijnen
  • Vaak zijn medicijnen levenslang nodig.
  • Soms kunt u stoppen als u ouder bent dan 70 en veel ouderdomsklachten heeft.
Adviezen

Gezond leven blijft belangrijk, ook als u medicijnen gebruikt

Ook als u medicijnen slikt, blijft het belangrijk om gezond te leven. Dit zijn de belangrijkste adviezen:

  • Stop met roken. Daarmee vermindert u uw risico op hart- en vaatziekten heel veel. Soms zijn medicijnen dan zelfs niet meer nodig.
  • Eet gezond
  • Drink liefst geen alcohol. Drink u wel alcohol, doe het dan niet elke dag en niet meer dan 1 glas alcohol per dag.
  • Beweeg tenminste 2,5 uur per week actief. Doe ook oefeningen die botten en spieren versterken. Zie voor meer info Ik wil gezond bewegen.
  • Verminder overgewicht door gezond te eten en actief te bewegen.
  • Probeer oorzaken van stress aan te pakken en zorg dagelijks voor momenten van ontspanning.
Waarom medicijnen

Waarom krijg ik medicijnen om mijn risico te verlagen?

Heeft u een hoge of zeer hoge kans op hart- of vaatziekten, dan kunnen medicijnen helpen die kans kleiner te maken. U heeft dan minder kans op bijvoorbeeld een hartinfarct of een beroerte in de toekomst.

Welke medicijnen

Welke medicijnen helpen om mijn risico te verlagen?

Welke medicijnen u kunnen helpen om uw risico te verlagen hangt af van uw situatie. Bijvoorbeeld van de hoogte van uw bloeddruk of cholesterol. Of van de ziekten die u al heeft of heeft gehad, zoals diabetes, een hartinfarct of een beroerte. 

Uw huisarts bekijkt welke medicijnen in uw situatie het beste zijn: medicijnen tegen hoge bloeddruk, medicijnen tegen hoog cholesterol en/of bloedverdunners.

Bloeddruk medicijnen

Medicijnen tegen hoge bloeddruk

Er zijn veel soorten medicijnen tegen hoge bloeddruk. Al deze medicijnen werken even goed om uw bloeddruk te verlagen. Uw huisarts bespreekt met u welk medicijn bij u past.
Voorbeelden zijn plaspillen, bètablokker's, ACE-remmers en calciumantagonisten.

Als u medicijnen tegen hoge bloeddruk gaat gebruiken zijn controles nodig:

  • De huisarts controleert vaak voor het starten met medicijnen al uw bloed. Dit is om te bekijken of uw nieren goed werken. Bij nierproblemen zijn sommige medicijnen minder geschikt. Soms moet de sterkte van de medicijnen worden aangepast.
  • U gaat 2 tot 4 weken na het starten met medicijnen weer naar uw huisarts. Uw huisarts meet dan uw bloeddruk. U vertelt hoe het gaat en of u last heeft van bijwerkingen.
  • Het kan een aantal maanden duren voordat uw bloeddruk goed is. U gaat dan regelmatig naar de huisartsenpraktijk om uw bloeddruk te laten meten.
  • Soms daalt uw bloeddruk niet genoeg. De huisarts verhoogt dan in stapjes de sterkte van uw medicijn. Vaak krijgt u er ook een ander medicijn tegen hoge bloeddruk bij. 
  • Als uw bloeddruk goed is, gaat u 1 of 2 keer per jaar naar uw huisarts of praktijkondersteuner voor controle.
  • Meestal blijft u de medicijnen levenslang gebruiken. 

Kijk voor meer info bij Ik ga medicijnen gebruiken voor hoge bloeddruk.

Cholesterol medicijnen

Medicijnen tegen hoog cholesterol

De meest gebruikte medicijnen om cholesterol te verlagen heten statines. Er zijn sterke en minder sterke medicijnen om cholesterol te verlagen. Uw huisarts bekijkt welke in uw situatie het beste is. 

Zo gaat het verder als uw medicijnen tegen hoog cholesterol gebruikt:

  • Als u de medicijnen 3 maanden gebruikt, controleert de huisarts uw cholesterol.
  • Soms daalt uw cholesterol niet genoeg.
    • Dan verhoogt de huisarts de sterkte van uw medicijn.
    • Of de huisarts adviseert u om over te stappen op een sterker medicijn.
    • Soms krijgt u een medicijn erbij.
  • Elke keer als uw medicijnen veranderen controleert de huisarts na 3 maanden uw bloed. 
  • Als uw cholesterol goed is, hoeft u geen controles van uw cholesterol meer.
  • Meestal blijft u de medicijnen levenslang gebruiken. 

Kijk voor meer info bij Ik ga medicijnen gebruiken bij een hoog cholesterol.

Bloedverdunners

Medicijnen die uw bloed verdunnen (bloedverdunners, antistollingsmedicijnen)

Medicijnen die uw bloed verdunnen zorgen dat het bloed minder of langzamer stolt. Ze voorkomen dat er klontjes bloed (stolsels) ontstaan die ergens anders een bloedvat kunnen afsluiten. 

Er zijn sterke en minder sterke bloedverdunners. Uw huisarts of specialist bekijkt welke bloedverdunner in uw situatie het meest geschikt is. 
Voorbeelden van bloedverdunners zijn: acetylsalicylzuur, carbasalaatcalcium, prasugrel , ticagrelor, clopidogrel , acenocoumarol , dabigatran , rivaroxaban , apixaban .

Hoe gaat verder als u bloedverdunners gebruikt:

  • Als u acenocoumarol gebruikt, zijn regelmatige controles van uw bloed nodig. Dit is om te weten wat het effect is van het medicijn op uw bloedstolling. De trombosedienst doet deze controles. Soms kunt u de controles ook zelf doen. Overleg dit met uw trombosedienst.
  • Bij de andere bloedverdunners is controle van uw bloedstolling niet nodig.
  • Meestal blijft u bloedverdunners levenslang gebruiken.  

Kijk voor informatie over bloedverdunners in uw situatie bij:  

acenocoumarol

Acenocoumarol is een antistollingsmiddel.

Artsen schrijven het voor bij trombose, na een hartinfarct, beroerte (herseninfarct) of TIA en bij hartritmestoornissen.

Bron: Apotheek.nl

clopidogrel

Clopidogrel is een anti-stollingsmiddel. Het voorkomt dat er bloedstolsels in de bloedvaten ontstaan.

Artsen schrijven het voor na een hartinfarct en bij niet-stabiele angina pectoris (hartkramp). Verder na een beroerte (herseninfarct) en om de kans op trombose te verminderen, bijvoorbeeld bij de hartritmestoornis atriumfibrilleren en bij verminderde bloeddoorstroming in de benen.
Artsen schrijven het soms voor bij stabiele angina pectoris en een lichte beroerte (TIA), als u acetylsalicylzuur in lage dosering niet kunt gebruiken omdat u er overgevoelig voor bent.

Bron: Apotheek.nl

dabigatran

Dabigatran is een antistollingsmedicijn.

Artsen schrijven het voor bij trombose en om trombose te voorkomen, bijvoorbeeld bij heupoperaties en knieoperaties.

Soms wordt het gebruikt om trombose of een beroerte te voorkomen bij bepaalde hartritmestoornissen.

Bron: Apotheek.nl

prasugrel

Prasugrel is een antistollingsmiddel. Het voorkomt de vorming van bloedstolsels in de bloedvaten.

Artsen schrijven het voor bij een grote kans op een hartinfarct of bij niet-stabiele angina pectoris bij mensen die worden gedotterd of een stent (kokertje) krijgen in een kransslagader van het hart.

Bron: Apotheek.nl

apixaban

Apixaban is een antistollingsmedicijn.

Artsen schrijven het voor bij trombose en om trombose te voorkomen, bijvoorbeeld bij heupoperaties en knieoperaties en om een beroerte of trombose te voorkomen bij bepaalde hartritmestoornissen.

Bron: Apotheek.nl

rivaroxaban

Rivaroxaban is een antistollingsmedicijn.

Artsen schrijven het voor om trombose te voorkomen, bijvoorbeeld bij heupoperaties en knieoperaties, bij bepaalde hartritmestoornissen om een beroerte of trombose te voorkomen en om een hartinfarct of beroerte te voorkomen, bijvoorbeeld bij angina pectoris.

Bron: Apotheek.nl
Medicijnen bij 70 plus

Hoe gaat het verder met mijn medicijnen als ik ouder word?

Boven de 70 is het nemen van medicijnen tegen hoge bloeddruk of hoog cholesterol niet altijd meer nodig.

Het is boven de 70 niet zeker of de medicijnen u nog wel helpen om uw kans op een gezond leven te vergroten. Dat geldt vooral voor medicijnen tegen hoog cholesterol. Soms zijn de nadelen voor u groter dan de voordelen. 

Overleg met uw huisarts of u medicijnen kunt minderen of stoppen in de volgende gevallen:

  • U bent boven de 70 en u heeft veel ouderdomsklachten. U loopt bijvoorbeeld steeds moeilijker. U hoort of ziet slecht. Of u voelt zich steeds vaker moe. 
  • U bent boven de 70 en u heeft bijwerkingen van uw medicijnen. Bijvoorbeeld spierpijn of duizeligheid.
  • U bent boven de 70 en uw bloeddruk is lager dan 150.
  • U bent boven de 70 en u heeft klachten, bijvoorbeeld vaak vallen.

Heeft u al een hart- en vaatziekte, dan is het meestal wel nodig om medicijnen te blijven gebruiken. Ook boven de 70 jaar. 

Meer informatie
Laatst herzien op

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.